Uitspraak
RECHTBANK NOORD-HOLLAND
Stichting Ymere
Rechtbank Noord-Holland
De verhuurder, Stichting Ymere, vordert betaling van een huurachterstand van de huurder. Gedurende de procedure blijkt dat de huurder de achterstand en de huurtermijn voor april 2021 heeft voldaan. De kantonrechter stelt vast dat er op het moment van uitspraak geen openstaande huurachterstand meer is.
De huurder had de betalingsregeling niet altijd tijdig nagekomen en de huur niet steeds op de eerste dag van de maand betaald. Desondanks is de achterstand volledig ingelopen. De vordering tot betaling van huur wordt daarom afgewezen.
Wel wordt de huurder veroordeeld tot betaling van de proceskosten, omdat de verhuurder de procedure heeft moeten starten om haar vordering te incasseren. De proceskosten worden vastgesteld op basis van het liquidatietarief en omvatten dagvaardingskosten, griffierecht en salaris gemachtigde.
Het vonnis is gewezen door kantonrechter M.M. Kruithof en in het openbaar uitgesproken op 16 juni 2021.
Uitkomst: De vordering tot betaling van huurachterstand wordt afgewezen, huurder veroordeeld tot betaling van proceskosten.