Uitspraak
RECHTBANK NOORD-HOLLAND
1.De procedure
- de dagvaarding
- de incidentele conclusie tot onbevoegdverklaring
- de incidentele conclusie van antwoord.
2.De beoordeling in het incident
3.De beslissing
21 juli 2021voor conclusie van antwoord.
Rechtbank Noord-Holland
In deze zaak vordert DKVG dat de rechtbank Noord-Holland zich onbevoegd verklaart om de hoofdzaak te behandelen, waarin AVC de ontbinding van een koopovereenkomst van een onroerende zaak te Badhoevedorp vordert.
AVC stelt dat de rechtbank Noord-Holland bevoegd is op grond van artikel 103 Rv Pro, omdat het betreft een onroerende zaak gelegen binnen haar rechtsgebied. DKVG betoogt dat het geschil slechts ziet op een betalingsverbintenis en dat de bevoegde rechter de rechtbank van de vestigingsplaats van DKVG is.
De rechtbank oordeelt dat de vorderingen voortvloeien uit een koopovereenkomst van een onroerende zaak en dat er geen grond is om de verbintenisrechtelijke verbintenissen af te splitsen van de goederenrechtelijke. De rechtbank verklaart zich daarom bevoegd en wijst het verzoek tot onbevoegdverklaring af.
DKVG wordt veroordeeld in de proceskosten van het incident. De zaak wordt op 21 juli 2021 voortgezet met conclusie van antwoord.
Uitkomst: De rechtbank Noord-Holland verklaart zich bevoegd en wijst het verzoek tot onbevoegdverklaring af.