ECLI:NL:RBNHO:2021:4685
Rechtbank Noord-Holland
- Wraking
- Rechtspraak.nl
Afwijzing wrakingsverzoek rechter in familierechtelijke zaak over jeugdbescherming
Verzoeker heeft bij de rechtbank Noord-Holland een wrakingsverzoek ingediend tegen de rechter die betrokken is bij een familierechtelijke zaak betreffende de zorg voor zijn kinderen. Hij stelde dat de rechter onvolledig dossiermateriaal gebruikte, hem onvoldoende liet uitspreken en dat de jeugdbeschermer na de wraking niet de zittingszaal verliet, wat de schijn van partijdigheid zou wekken.
De rechter heeft deze punten weersproken en toegelicht dat alle relevante stukken zijn overgelegd, verzoeker voldoende gelegenheid heeft gehad om zijn verhaal te doen en dat na de wraking alle partijen de zittingszaal hebben verlaten behalve de rechter en griffier. De wrakingskamer heeft het verzoek ontvankelijk verklaard en onderzocht of er sprake was van subjectieve of objectieve onpartijdigheidsschending.
De wrakingskamer concludeerde dat de door verzoeker aangevoerde gronden onvoldoende zwaarwegend zijn om de onpartijdigheid van de rechter in twijfel te trekken. Processuele beslissingen van de rechter, zoals het beoordelen van de volledigheid van het dossier, en het eenmalig onderbreken van verzoeker, bieden geen grond voor wraking. Ook de vermeende aanwezigheid van de jeugdbeschermer na de wraking is niet aannemelijk gebleken.
De wrakingskamer wees het verzoek daarom af en beval voortzetting van de hoofdzaak in de stand van het wrakingsverzoek. De beslissing is gegeven door de wrakingskamer van de rechtbank Noord-Holland op 27 mei 2021 en is onherroepelijk.
Uitkomst: Het wrakingsverzoek tegen de rechter wordt afgewezen wegens ontbreken van aanwijzingen voor vooringenomenheid of partijdigheid.