ECLI:NL:RBNHO:2021:4227
Rechtbank Noord-Holland
- Eerste aanleg - enkelvoudig
- Rechtspraak.nl
Vernietiging aanslag leges wegens ontbreken belastbaar feit en schending hoorplicht
Eiser heeft zijn vergunning voor een vaste ligplaats voor een pleziervaartuig per 30 juni 2019 opgezegd. Verweerder legde daarop een gecombineerde aanslag havengeld en leges op. Eiser maakte bezwaar tegen de aanslag leges en verzocht om een hoorzitting, die niet heeft plaatsgevonden. De rechtbank oordeelt dat de hoorplicht is geschonden omdat verweerder het verzoek om te worden gehoord heeft gemist.
Inhoudelijk stelt eiser dat leges pas geheven mogen worden na het opleggen van de aanslag havengeld, omdat de leges verband houden met de restitutie van havengeld. Verweerder stelt dat leges geheven worden voor het in behandeling nemen van de opzegging van de ligplaatsvergunning, ongeacht restitutie.
De rechtbank beoordeelt de Verordening leges 2019 en concludeert dat leges alleen verschuldigd zijn indien de opzegging wordt gevolgd door restitutie van havengeld. Omdat in deze zaak geen restitutie heeft plaatsgevonden, is geen belastbaar feit aanwezig voor de leges. De aanslag leges wordt daarom vernietigd en verweerder wordt veroordeeld tot vergoeding van het griffierecht.
Uitkomst: De aanslag leges wordt vernietigd vanwege het ontbreken van een belastbaar feit en schending van de hoorplicht.