Uitspraak
RECHTBANK NOORD-HOLLAND
1.Tenlastelegging
2.Voorvragen
3.Beoordeling van het bewijs
4.Kwalificatie en strafbaarheid van de feiten
(feit 2)en medeplegen van afdreiging
(feit 3),in eendaadse samenloop begaan,
(feit 5)en medeplegen van afdreiging
(feit 6),in eendaadse samenloop begaan
(feit 4)
5.Strafbaarheid van de verdachte
6.Motivering van de sanctie
24 november 2020 van psychiater J. van der Meer en het psychologisch onderzoek van
19 november 2020 van GZ-psycholoog R.J.L. Keulers. Diagnostisch gezien is er bij de verdachte sprake van een matig ernstige stoornis in het gebruik van cannabis die momenteel in gedwongen remissie is en een antisociale persoonlijkheidsstoornis. Deze stoornissen leiden in deze zaak echter niet tot het advies het tenlastegelegde in verminderde mate aan de verdachte toe te rekenen. De rechtbank gaat er dan ook vanuit dat beide feiten volledig aan de verdachte kunnen worden toegerekend.
8.Vordering benadeelde partij en schadevergoedingsmaatregel
9.Vordering tot tenuitvoerlegging
10.Toepasselijke wettelijke voorschriften
11.Beslissing
40 (zegge: veertig) maanden.
nietten uitvoer zal worden gelegd en stelt daarbij een proeftijd vast van twee jaren.
€ 238,68en veroordeelt de verdachte tot betaling van dit bedrag, vermeerderd met de wettelijke rente over dit bedrag vanaf 14 juni 2020 tot aan de dag der algehele voldoening, aan [de benadeelde partij 1] , voornoemd, tegen behoorlijk bewijs van kwijting. Bepaalt dat indien genoemd bedrag geheel of gedeeltelijk door een (van de) medeverdachte(n) is betaald, de verdachte in zoverre zal zijn bevrijd.