ECLI:NL:RBNHO:2021:10829
Rechtbank Noord-Holland
- Wraking
- Rechtspraak.nl
Kennelijk niet-ontvankelijk verklaring wrakingsverzoek tegen rechter in bewindvoeringzaak
Verzoeker heeft in een lopende bewindvoeringzaak bij de rechtbank Noord-Holland meerdere verzoeken ingediend om de bewindvoering te beëindigen. Zowel de kantonrechter als het Gerechtshof Amsterdam hebben dit verzoek afgewezen. Na een beslissing van de kantonrechter om een nieuw verzoek niet in behandeling te nemen, diende verzoeker een wrakingsverzoek in tegen de rechter die deze beslissing nam.
De wrakingskamer oordeelt dat het wrakingsverzoek kennelijk niet-ontvankelijk is omdat het verzoek pas na de einduitspraak is ingediend, wat in strijd is met het Wrakingsprotocol van de rechtbank. Daarnaast heeft verzoeker geen concrete gronden voor wraking aangevoerd, waardoor er geen aanleiding is om aan de onpartijdigheid van de rechter te twijfelen.
De wrakingskamer besluit daarom het wrakingsverzoek af te wijzen en beveelt dat de zaak wordt voortgezet zoals die was op het moment van het wrakingsverzoek. De beslissing is openbaar uitgesproken en tegen deze beslissing staat geen rechtsmiddel open.
Uitkomst: Het wrakingsverzoek wordt kennelijk niet-ontvankelijk verklaard en afgewezen.