Uitspraak
RECHTBANK NOORD-HOLLAND
1.Tenlastelegging
2.Voorvragen
3.Beoordeling van het bewijs
“maar als je slim.bent timer op mij”en “
Dan kan k gelijkje goed voorbereiden alles zeggen”.Vervolgens zegt [medeverdachte 1] dat hij geen zwarte jas of vest heeft en zegt de verdachte “K geb Vo.je.”.
“En sws laat ik vndg iemand een oevoe nakken”, waar de rechtbank uit begrijpt dat hij sowieso van plan is om iemand die dag een overval te laten plegen. Dat het hierbij volgens de verdachte aanvankelijk om een andere overval op een winkel ging, doet er niet aan af dat hieruit een zekere mate van oriëntatie op een overval op een object blijkt. De verdachte zegt twee dagen na de overval, op 16 juli 2021, tegen [medeverdachte 2] :
“hij is geveegt”,waar de rechtbank uit opmaakt dat “hij” is opgepakt. Vervolgens zegt [medeverdachte 2] dat hijzelf niet “geveegd” gaat worden voor € 105,00, waarna de verdachte aangeeft dat dat ook niet gaat gebeuren, omdat “hij” al “geveegd” is, maar dat [medeverdachte 2] nu niet moet gaan janken als een baby, omdat hij anders niet had moeten komen. [medeverdachte 2] was immers ook blij toen hij die € 105,00 en die sloffen in zijn handen had, aldus de verdachte. Verder zegt de verdachte nog tegen [medeverdachte 2] :
“Enigste probleem die dr is Dat we nu nieuwe bully.moeten fixen Diendit gaat doen voor ons”.Ook zegt de verdachte op 16 juli tegen ‘ [naam] ’ ( [naam] ):
“hijnhebt alle buit gegeven aan mij en sloffe en is gepakt”.Tot slot blijkt uit onderzoek naar de telefoon van de medeverdachte [medeverdachte 2] dat hij op 15 juli 2021, een dag na de overval, via WhatsApp tegen de verdachte zegt:
“lekker een oevoe laate nakke”(de rechtbank begrijpt: lekker een overval laten plegen) en dat hij op 4 augustus 2021 met een onbekend gebleven persoon belt en zegt dat
“die tjappie die we erop hadden gezet heeft gewoon geluld”,waar de rechtbank uit opmaakt dat [medeverdachte 2] zegt dat een persoon, over wie hij zich kennelijk denigrerend uitlaat, die zij tot het plegen van de overval hadden aangezet, bekennend heeft verklaard bij de politie.
4.Kwalificatie en strafbaarheid van het feit
5.Strafbaarheid van de verdachte
6.Motivering van de sanctie
7.Vordering tot tenuitvoerlegging
8.Toepasselijke wettelijke voorschriften
9.Beslissing
360 (driehonderdzestig) dagen.
nietten uitvoer zal worden gelegd en stelt daarbij een proeftijd vast van twee jaren.
- zich meldt bij de gecertificeerde instelling William Schrikker Stichting, Jeugdbescherming en Jeugdreclassering, afdeling Jeugdreclassering en zich daarna op de door de jeugdreclassering te bepalen tijdstippen zal blijven melden bij deze instelling, zo vaak en zo lang die instelling dat noodzakelijk acht;
- meewerkt aan ambulante behandeling;
- meewerkt aan een plaatsing bij een instelling voor begeleid wonen of maatschappelijke opvang;
- meewerkt aan het verkrijgen en behouden van een zinvolle dagbesteding in de vorm van het volgen van onderwijs of het hebben van een baan;
- op geen enkele wijze -direct of indirect- contact zal opnemen, zoeken of hebben met de medeverdachten [medeverdachte 1] , geboren op [geboortedatum] te [plaats] , en [medeverdachte 2] , geboren op [geboortedatum] te [plaats] , gedurende de proeftijd of zoveel korter als de jeugdreclassering nodig vindt. De politie ziet toe op handhaving van deze contactverboden.
dadelijk uitvoerbaar zijn.
37 (zevenendertig) dagen, opgelegd bij vonnis van de rechtbank Noord-Holland d.d. 10 juni 2021.