Uitspraak
RECHTBANK NOORD-HOLLAND
uitspraak van de enkelvoudige kamer van 17 juli 2020 in de zaken tussen
[eiser] , te [woonplaats] ,
Procesverloop
Overwegingen
De rechtbank komt tot de volgende beoordeling.
Rechtbank Noord-Holland
De werknemer was sinds 2010 arbeidsongeschikt en ontving een WGA-uitkering die in de loop der jaren werd aangepast en beëindigd vanwege een arbeidsongeschiktheidspercentage van minder dan 35%. Na meldingen van verslechtering en medische beoordelingen besloot het UWV de WIA-uitkering niet te herleven. Zowel de werknemer als de werkgever stelden beroep in tegen dit besluit.
De rechtbank oordeelde dat het beroep van de werknemer niet-ontvankelijk was omdat hij geen bezwaar had gemaakt tegen het primaire besluit. Het beroep van de werkgever werd inhoudelijk beoordeeld, waarbij de rechtbank de medische rapportages zorgvuldig en volledig achtte. De rechtbank concludeerde dat er geen aanleiding was voor twijfel aan de juistheid van de medische beoordelingen waarop het besluit was gebaseerd.
De rechtbank nam ook het medicatiegebruik van de werknemer mee, maar vond dat dit niet leidde tot ongeschiktheid voor de geduide functies noch tot strijd met het Schattingsbesluit. Het verzoek tot inschakeling van een externe deskundige werd afgewezen. Het beroep van de werkgever werd ongegrond verklaard en het beroep van de werknemer niet-ontvankelijk.
Uitkomst: Het beroep van de werknemer is niet-ontvankelijk verklaard en het beroep van de werkgever ongegrond.