ECLI:NL:RBNHO:2020:9308
Rechtbank Noord-Holland
- Wraking
- Th.S. Röell
- J.M. Janse van Mantgem
- R.H.M. Bruin
- Rechtspraak.nl
Afwijzing verzoek tot wraking kantonrechter in civiele transitievergoedingzaak
Verzoekster heeft op 19 juli 2020 een wrakingsverzoek ingediend tegen de kantonrechter in een civiele zaak over de transitievergoeding. Zij stelde onder meer dat de kantonrechter onjuiste mededelingen deed over spreekplicht en strafbaarheid van het niet antwoorden, en dat de rechter zich laatdunkend uitliet en naliet relevante stukken te onderzoeken.
De kantonrechter betwistte de beschuldigingen en stelde dat verzoekster noch haar gemachtigde op de zitting verschenen, en dat een heimelijke geluidsopname niet was overgelegd. De wrakingskamer oordeelde dat de vermeende schendingen onvoldoende feitelijk waren onderbouwd, dat procedurele beslissingen geen wrakingsgrond vormen, en dat het proces-verbaal niet vals was.
De wrakingskamer concludeerde dat geen objectieve of subjectieve aanwijzingen voor vooringenomenheid aanwezig waren en wees het wrakingsverzoek af. Tevens werd de voortzetting van de hoofdzaak in de stand van het wrakingsverzoek bevolen.
Uitkomst: Het verzoek tot wraking van de kantonrechter wordt afgewezen wegens gebrek aan feitelijke onderbouwing en onvoldoende aanwijzingen voor vooringenomenheid.