ECLI:NL:RBNHO:2020:8908
Rechtbank Noord-Holland
- Tussenuitspraak
- Rechtspraak.nl
Bevoegdheid kantonrechter bij geschil over ontbinding koopovereenkomst woning
In deze zaak staat de bevoegdheid van de kantonrechter centraal bij een geschil over de ontbinding van een koopovereenkomst van een woning. De woning is verkocht voor een bedrag van 175.000 euro, wat de vordering boven de normale kantonrechterlijke competentie van 25.000 euro plaatst.
Na een tussenvonnis en nadere toelichtingen van partijen over de bevoegdheid, concludeert de kantonrechter dat hij zich in principe niet bevoegd acht omdat de vordering van onbepaalde waarde is en vermoedelijk hoger dan 25.000 euro. Echter, partijen hebben gezamenlijk op grond van artikel 96 Rv Pro verzocht dat de kantonrechter de zaak behandelt.
Omdat het geschil betrekking heeft op rechtsgevolgen die partijen vrij kunnen bepalen, besluit de kantonrechter toch bevoegd te zijn. De zaak wordt verwezen naar de rolzitting voor verdere processtukken, en verdere beslissingen worden aangehouden.
Uitkomst: De kantonrechter verklaart zich bevoegd op grond van artikel 96 Rv en verwijst de zaak naar de rolzitting voor verdere behandeling.