ECLI:NL:RBNHO:2020:7625
Rechtbank Noord-Holland
- Bodemzaak
- Rechtspraak.nl
Afwijzing vordering incassobureau wegens ontbreken geldige vordering bij cessie
Creditline B.V. vordert betaling van een bedrag van Ome Piet verhuur, stellende dat bij de cessie van een vordering sprake was van wanprestatie omdat de vordering niet bestond. Ome Piet verhuur had een factuur uit 2015 voor het kwijt raken van een mobiele bar aan een derde partij verzonden en deze vordering in 2016 aan Creditline gecedeerd.
Creditline heeft de vordering tegen de derde partij geprobeerd te incasseren, maar deze werd afgewezen door de kantonrechter in Den Haag. Creditline stelt daarom dat Ome Piet verhuur geen vordering had en dat zij onterecht de vordering heeft overgedragen. Zij beroept zich daarnaast subsidiair op dwaling.
De rechtbank stelt vast dat uit het tussenvonnis en het eindvonnis in de procedure tegen de derde partij blijkt dat de mobiele bar al in bezit was van Ome Piet verhuur toen deze verdween, en dat Creditline niet is geslaagd in het leveren van bewijs dat de derde partij de bar onrechtmatig heeft meegenomen. Dit betekent niet dat Ome Piet verhuur geen vordering had bij cessie, maar dat deze vordering in de procedure niet kon worden vastgesteld.
Het beroep op wanprestatie en dwaling faalt omdat Creditline onvoldoende heeft onderbouwd dat de vordering niet bestond of dat sprake was van dwaling. De vordering wordt daarom afgewezen en Creditline wordt veroordeeld in de proceskosten, inclusief nasalaris.
Uitkomst: De vordering van Creditline wordt afgewezen wegens het ontbreken van een vastgestelde vordering bij cessie.