ECLI:NL:RBNHO:2020:7516
Rechtbank Noord-Holland
- Eerste aanleg - enkelvoudig
- Rechtspraak.nl
Niet-ontvankelijkheid beroep wegens ontbreken verklaring van erfrecht in belastingzaak
De erfgenamen van een overledene hebben beroep ingesteld tegen een uitspraak op bezwaar van de Belastingdienst inzake een aanslag inkomstenbelasting/premieheffing 2016. De rechtbank heeft het beroep zonder zitting behandeld op grond van artikel 8:54 Awb Pro.
De erfgenamen zijn in verzuim geweest om binnen de gestelde termijn een verklaring van erfrecht te overleggen. De rechtbank heeft hen bij aangetekende brief gewezen op dit verzuim en hen verzocht dit binnen vier weken te herstellen, met de waarschuwing dat bij uitblijven het beroep niet-ontvankelijk zou worden verklaard. De brief is daadwerkelijk ontvangen door de gemachtigde.
Hoewel een machtiging was ingediend voor het maken van bezwaar namens twee personen, ontbrak een verklaring van erfrecht en was onduidelijk of alle erfgenamen de machtiging hadden gegeven en wie bevoegd was de nalatenschap af te wikkelen. De erfgenamen hebben geen reden voor het verzuim gegeven en er is geen verontschuldiging gebleken.
Daarom verklaart de rechtbank het beroep kennelijk niet-ontvankelijk. Er is geen aanleiding voor een proceskostenveroordeling. De uitspraak is gedaan door rechter M.W. Koenis op 20 augustus 2020, zonder openbare zitting vanwege coronamaatregelen.
Uitkomst: Het beroep wordt niet-ontvankelijk verklaard wegens het niet tijdig overleggen van een verklaring van erfrecht.