Uitspraak
RECHTBANK NOORD-HOLLAND
1.Het procesverloop
2.De feiten
3.De vordering
4.Het verweer en de tegenvordering
5.De beoordeling
6.De beslissing
dagvaarding € 102,96
griffierecht € 499,00
salaris gemachtigde € 420,00 ;
Rechtbank Noord-Holland
De huurder had een huurachterstand van vijf maanden en erkende deze, waardoor de verhuurder ontbinding van de huurovereenkomst en ontruiming vorderde. De huurder stelde een tegenvordering in wegens vermeende ernstige vocht- en schimmelvorming in de vorige woning, met een verzoek tot huurkorting, verhuiskostenvergoeding en immateriële schadevergoeding.
De rechtbank oordeelde dat de huurder onvoldoende had onderbouwd dat de verhuurder tijdig van het gebrek op de hoogte was gesteld, waardoor de huurkorting niet toewijsbaar was. Ook was niet komen vast te staan dat renovatiewerkzaamheden een verhuizing noodzakelijk maakten, waardoor de verhuiskostenvergoeding werd afgewezen. De immateriële schadevergoeding was niet onderbouwd en werd eveneens afgewezen.
De huurachterstand werd toegewezen, inclusief wettelijke rente en buitengerechtelijke incassokosten. De huurovereenkomst werd ontbonden en de huurder werd veroordeeld tot ontruiming binnen 14 dagen na betekening van het vonnis. De proceskosten kwamen voor rekening van de huurder.
Uitkomst: De huurovereenkomst wordt ontbonden, de huurder veroordeeld tot ontruiming en betaling van de huurachterstand met rente en kosten, terwijl de tegenvordering wordt afgewezen.