Uitspraak
RECHTBANK NOORD-HOLLAND
uitspraak van de enkelvoudige kamer van 30 juni 2020 op het verzet van
[X] , te [Z] , opposant.
Procesverloop
Overwegingen
Beslissing
A.C. Karels, griffier. Deze uitspraak is gedaan op 30 juni 2020.
Rechtbank Noord-Holland
Opposant heeft beroep ingesteld tegen de uitspraak op bezwaar van 31 juli 2019 over de aanslag inkomstenbelasting en premie volksverzekeringen 2014. De rechtbank heeft het beroep op 29 oktober 2019 niet-ontvankelijk verklaard omdat opposant niet binnen de gestelde termijn de gronden had overgelegd en het beroepschrift niet zelf had ondertekend. Tevens verklaarde de rechtbank zich onbevoegd ten aanzien van het verzoek om uitstel van betaling.
Tegen deze uitspraak heeft opposant verzet ingesteld en verzocht om een zitting, maar verscheen niet op de zitting van 26 juni 2020. Zijn verzoek om uitstel van de verzetzitting werd afgewezen. De rechtbank heeft het verzet inhoudelijk beoordeeld en geoordeeld dat opposant geen nieuwe gronden heeft aangevoerd die de eerdere niet-ontvankelijkverklaring kunnen weerleggen.
De rechtbank handhaaft daarom haar eerdere oordeel en verklaart het verzet ongegrond. Er is geen aanleiding voor een proceskostenveroordeling. De uitspraak is gedaan zonder openbare zitting vanwege coronamaatregelen en kan binnen zes weken worden aangevochten bij de Hoge Raad.
Uitkomst: Het verzet tegen de niet-ontvankelijkverklaring van het beroep wordt ongegrond verklaard en de eerdere uitspraak blijft in stand.