ECLI:NL:RBNHO:2020:4762
Rechtbank Noord-Holland
- Eerste aanleg - meervoudig
- Rechtspraak.nl
Vrijspraak wegens ontbreken van opzet bij invoer cocaïne
De rechtbank Noord-Holland heeft verdachte vrijgesproken van medeplichtigheid aan de opzettelijke invoer van cocaïne. Verdachte werd ervan verdacht betrokken te zijn bij het vervoer en de ontvangst van cocaïne op Schiphol, onder meer via WhatsApp-contacten en aanwezigheid op locatie.
De officier van justitie stelde dat verdachte wetenschap had van de drugs en medepleging bewezen was door chatberichten en gezamenlijke handelingen. De verdediging betoogde dat verdachte slechts een vrouw ging ophalen zonder kennis van de drugs en geen substantiële bijdrage had geleverd.
De rechtbank oordeelde dat het bewijs onvoldoende was om wetenschap en opzet vast te stellen. Chatberichten waren onvoldoende concreet en konden anders worden uitgelegd. Verdachte had geen actieve rol in de drugshandel. Daarom werd verdachte vrijgesproken van de ten laste gelegde feiten.
Uitkomst: Verdachte is vrijgesproken wegens ontbreken van wetenschap en opzet omtrent invoer van cocaïne.