Uitspraak
RECHTBANK NOORD-HOLLAND
uitspraak van de enkelvoudige kamer van 2 juli 2020 in de zaak tussen
[eiser 1]en
[eiser 2], te [woonplaats] ,
[eiser 3], te [woonplaats] ,
[eiser 4], te [woonplaats] ,
het college van burgemeester en wethouders van de gemeente Velsen, verweerder
Procesverloop
Overwegingen
Beslissing
- verklaart het beroep tegen het niet tijdig nemen van een beslissing op het bezwaar van eisers gegrond;
- draagt verweerder op alsnog binnen twee weken na verzending van deze uitspraak een besluit te nemen;
- bepaalt dat verweerder aan eisers een dwangsom van € 100,- verbeurt voor elke dag waarmee hij de hiervoor genoemde termijn overschrijdt, met een maximum van
- stelt vast dat verweerder als gevolg van het niet tijdig beslissen op het bezwaar van eisers een dwangsom als bedoeld in artikel 4:17 van Pro de Awb heeft verbeurd van in totaal € 1.442,-;
- veroordeelt verweerder in de proceskosten tot een bedrag van in totaal € 262,50,- ;
- draagt verweerder op het betaalde griffierecht van € 178,- aan eisers te vergoeden.