ECLI:NL:RBNHO:2020:4273
Rechtbank Noord-Holland
- Eerste aanleg - enkelvoudig
- Rechtspraak.nl
Beroep tegen WIA-uitkeringsbesluit over mate van arbeidsongeschiktheid afgewezen
Eiseres was tot 2012 werkzaam en meldde zich daarna ziek met psychische klachten, gevolgd door een ernstig verkeersongeval in 2014. Verweerder kende haar een WIA-uitkering toe met een arbeidsongeschiktheid van 80-100%. Later werd deze herzien naar 66,97% en vervolgens naar 75,46% op basis van een functionele mogelijkhedenlijst (FML).
Eiseres voerde aan dat het medisch onderzoek onzorgvuldig was omdat een neuropsychologisch onderzoek (NPO) niet was afgewacht of verricht, en dat haar beperkingen onvoldoende waren meegewogen. Verweerder stelde dat de aanvullende medische informatie geen aanleiding gaf tot andere beperkingen.
De rechtbank oordeelde dat het onderzoek zorgvuldig was, mede omdat de verzekeringsarts en bezwaarverzekeringsarts eiseres hebben onderzocht en alle medische informatie hebben betrokken. Het NPO was aangevraagd en beoordeeld, maar leidde niet tot extra beperkingen. De arbeidsdeskundige had de functies passend verklaard binnen de gestelde beperkingen.
De rechtbank concludeerde dat de mate van arbeidsongeschiktheid terecht was vastgesteld en verklaarde het beroep ongegrond. Er werd geen proceskostenveroordeling opgelegd.
Uitkomst: Het beroep tegen het WIA-besluit wordt ongegrond verklaard en de mate van arbeidsongeschiktheid van 75,46% wordt bevestigd.