Op 21 juli 2018 vond in het Burgemeester in 't Veldpark te Zaandam een geweldsincident plaats waarbij verdachte en zijn broer werden aangevallen door het slachtoffer en een tweede persoon. Verdachte sloeg het slachtoffer met een steen, wat leidde tot ernstig letsel.
De officier van justitie vorderde een veroordeling, stellende dat het geweld disproportioneel was. De verdediging stelde dat verdachte handelde uit noodweer dan wel noodweerexces, omdat hij in paniek raakte toen zijn broer zwaar werd mishandeld.
De rechtbank stelde vast dat er sprake was van een ogenblikkelijke, wederrechtelijke aanranding en dat verdediging geboden was. Echter was het geweld met de steen niet proportioneel. Desondanks oordeelde de rechtbank dat verdachte door een hevige gemoedsbeweging werd overmand en daardoor de grenzen van noodzakelijke verdediging overschreed, waardoor het beroep op noodweerexces slaagde.
Verdachte werd daarom ontslagen van alle rechtsvervolging. De vordering van de benadeelde partij tot schadevergoeding werd niet-ontvankelijk verklaard omdat geen straf werd opgelegd.
De rechtbank sprak verdachte vrij en bepaalde dat het bewezen verklaarde feit een strafbaar feit oplevert, maar dat verdachte niet strafbaar is wegens noodweerexces.