ECLI:NL:RBNHO:2020:3197
Rechtbank Noord-Holland
- Voorlopige voorziening
- Rechtspraak.nl
Voorzieningenrechter niet bevoegd bij afwijzing pgb-aanvraag door zorgverzekeraar
Verzoekster heeft bij de zorgverzekeraar een aanvraag ingediend voor een persoonsgebonden budget voor verpleging en verzorging (pgb vv), welke op 12 maart 2020 werd afgewezen. Namens verzoekster is om heroverweging gevraagd, waarna zij de voorzieningenrechter verzocht de aanvraag voorlopig goed te keuren.
De voorzieningenrechter stelt vast dat zorgverzekeraars geen bestuursorgaan zijn in de zin van de Algemene wet bestuursrecht (Awb), omdat de aanspraak op zorg wordt geregeld via een zorgverzekeringsovereenkomst en niet rechtstreeks op grond van publiekrecht. Hierdoor is de voorzieningenrechter niet bevoegd om kennis te nemen van het verzoek om voorlopige voorziening.
De afwijzing van de pgb-aanvraag betreft een burgerrechtelijke aanspraak en geen bestuursrechtelijk besluit. Verzoekster kan haar vordering daarom alleen bij de burgerlijke rechter instellen of een klacht indienen bij de Stichting Klachten en Geschillen Zorgverzekeringen (SKGZ). De voorzieningenrechter wijst het verzoek om voorlopige voorziening af wegens onbevoegdheid.
Er wordt geen proceskostenveroordeling uitgesproken. Tegen deze uitspraak staat geen rechtsmiddel open.
Uitkomst: De voorzieningenrechter verklaart zich onbevoegd en wijst het verzoek om voorlopige voorziening af.