ECLI:NL:RBNHO:2020:3182
Rechtbank Noord-Holland
- Proceskostenveroordeling
- Rechtspraak.nl
Afwijzing verzoek proceskostenveroordeling na intrekking beroep omzetbelasting
Eiseres, een B.V., had bezwaar gemaakt tegen een naheffingsaanslag omzetbelasting over het tweede kwartaal van 2019. Verweerder, de inspecteur van de Belastingdienst, verklaarde het bezwaar gegrond en stelde de aanslag op nihil. Eiseres stelde vervolgens beroep in bij de rechtbank Amsterdam, maar trok dit beroep later in.
Gelijktijdig met de intrekking verzocht eiseres de rechtbank om verweerder te veroordelen in de proceskosten. Verweerder betoogde dat er geen aanleiding was tot kostenveroordeling, omdat het bezwaar reeds geheel was gehonoreerd en eiseres geen belang meer had bij het beroep, dat voortkwam uit een misverstand van de bestuurder.
De rechtbank oordeelde dat verweerder niet geheel of gedeeltelijk aan eiseres was tegemoetgekomen in de zin van artikel 8:75a Awb, omdat het bestreden besluit niet was ingetrokken of gewijzigd. Daarom wees de rechtbank het verzoek om proceskostenveroordeling af. Tevens had eiseres geen recht op teruggave van het griffierecht. De uitspraak werd gedaan door rechter M.C. van As op 1 mei 2020.
Uitkomst: Verzoek om proceskostenveroordeling wordt afgewezen omdat geen sprake is van tegemoetkoming door het bestuursorgaan.