ECLI:NL:RBNHO:2020:2822
Rechtbank Noord-Holland
- Eerste aanleg - enkelvoudig
- Rechtspraak.nl
Beoordeling van aanslag inkomstenbelasting 2017 en opgelegde verzuimboete
De zaak betreft een beroepsprocedure tegen de aanslag inkomstenbelasting en premie volksverzekeringen (ib/pvv) over het jaar 2017, inclusief de opgelegde verzuimboete wegens het niet tijdig indienen van de aangifte. Verweerder heeft de aanslag ambtshalve vastgesteld na het uitblijven van aangifte, en een boete opgelegd die na bezwaar werd gematigd.
Eiser betwistte de juistheid van de aanslag en de boete, maar erkende het niet indienen van de aangifte niet te hebben betwist. De rechtbank oordeelt dat verweerder correct heeft gehandeld door eerst een uitnodiging, herinnering en aanmaning te sturen alvorens de aanslag en boete vast te stellen. De matiging van de boete tot € 369 acht de rechtbank passend.
Het beroep richtte zich ook op aanslagen over andere jaren, maar de rechtbank stelt dat deze procedure zich uitsluitend beperkt tot het aanslagjaar 2017. Verzoeken om getuigenverhoor werden afgewezen omdat dit niet bijdraagt aan de zaak. De rechtbank verklaart het beroep ongegrond en legt geen proceskostenveroordeling op.
Uitkomst: Het beroep tegen de aanslag inkomstenbelasting 2017 en de verzuimboete wordt ongegrond verklaard.