ECLI:NL:RBNHO:2020:2636

Rechtbank Noord-Holland

Datum uitspraak
10 april 2020
Publicatiedatum
7 april 2020
Zaaknummer
AWB - 20_185
Type
Uitspraak
Uitkomst
Overig
Procedures
  • Eerste aanleg - enkelvoudig
Rechters
Vindplaatsen
  • Rechtspraak.nl
Aangehaalde wetgeving Pro
Art. 8:54 Awb
Verwijzingen
1 uitgaand
AI samenvatting door LexboostAutomatisch gegenereerd

Beroep tegen niet-ontvankelijk verklaring bezwaar vennootschapsbelasting 2016 afgewezen

Eiseres, een besloten vennootschap, had bezwaar gemaakt tegen een aanslag vennootschapsbelasting 2016 en een daarbij opgelegde boete. Verweerder, de inspecteur van de Belastingdienst, verklaarde dit bezwaar niet-ontvankelijk wegens overschrijding van de bezwaartermijn.

Eiseres stelde beroep in tegen deze niet-ontvankelijkverklaring. De rechtbank heeft het beroep zonder zitting behandeld en eiseres erop gewezen dat het beroep zich moest richten op de niet-ontvankelijkverklaring. De rechtbank stelde eiseres in de gelegenheid om dit te herstellen, maar eiseres reageerde niet.

Onderzoek bij PostNL toonde aan dat de brief van de rechtbank was afgehaald, maar geen reactie volgde. De rechtbank concludeerde daarom dat het bezwaar terecht niet-ontvankelijk was verklaard en verklaarde het beroep ongegrond. Er werd geen proceskostenveroordeling opgelegd.

Uitkomst: Het beroep tegen de niet-ontvankelijkverklaring van het bezwaar vennootschapsbelasting 2016 is ongegrond verklaard.

Uitspraak

RECHTBANK NOORD-HOLLAND

Zittingsplaats Haarlem
Bestuursrecht
zaaknummer: HAA 20/185

uitspraak van de enkelvoudige kamer van 10 april 2020 in de zaak tussen

[X] B.V., te [Z], eiseres,

(gemachtigde: J.R. Mooring)
en

de inspecteur van de Belastingdienst, kantoor Eindhoven, verweerder.

Procesverloop

Bij besluit van 11 november 2019 (de bestreden uitspraak) heeft verweerder het bezwaar van eiseres gericht tegen de aanslag vennootschapsbelasting 2016 niet-ontvankelijk verklaard.
Eiseres heeft tegen de bestreden uitspraak beroep ingesteld.

Overwegingen

1. De rechtbank doet op grond van artikel 8:54 van Pro de Awb uitspraak zonder zitting. Het beroep ziet mede op de opgelegde boete. De rechtbank is van oordeel dat de vereisten van een behoorlijk proces niet nopen tot een behandeling ter zitting.
2. Verweerder heeft het bezwaar van eiseres niet-ontvankelijk verklaard wegens overschrijding van de bezwaartermijn. De rechtbank heeft bij aangetekende brief van
17 januari 2020 eiseres erop gewezen dat de gronden van het beroep in ieder geval betrekking moeten hebben op het niet-ontvankelijk verklaren van het bezwaar. De rechtbank heeft eiseres in de gelegenheid gesteld dit verzuim te herstellen. Nader door de rechtbank ingesteld onderzoek bij PostNL heeft uitgewezen dat deze brief op 20 januari 2020 is afgehaald van een PostNL locatie. Eiseres heeft hierop niet gereageerd. Dit betekent dat ervan moet worden uitgegaan dat verweerder het bezwaar terecht niet-ontvankelijk heeft verklaard.
3. Het beroep is daarom kennelijk ongegrond.
4. Voor een proceskostenveroordeling bestaat geen aanleiding.

Beslissing

De rechtbank verklaart het beroep ongegrond.
Deze uitspraak is gedaan door mr. M.C. van As, rechter, in aanwezigheid van A.C. Karels, griffier. Deze uitspraak is gedaan op 10 april 2020. Als gevolg van de maatregelen rondom het coronavirus is deze uitspraak niet uitgesproken op een openbare uitsprakenzitting. Zodra het openbaar uitspreken weer mogelijk is, wordt deze uitspraak alsnog in het openbaar uitgesproken.
griffier rechter
Afschrift verzonden aan partijen op:

Rechtsmiddel

Tegen deze uitspraak kan binnen zes weken na de dag van verzending daarvan verzet worden gedaan bij deze rechtbank. De indiener van het verzetschrift kan daarbij vragen in de gelegenheid te worden gesteld over het verzet te worden gehoord. De werking van deze uitspraak wordt opgeschort totdat de termijn voor het instellen van verzet is verstreken of, indien verzet wordt ingesteld, op dat verzet is beslist.