Uitspraak
RECHTBANK NOORD-HOLLAND
1.Procedure
2.Feiten en omstandigheden
3.De verzoeken
4.Beoordeling
5.Beslissing
[betrokkene], te vermeerderen met de wettelijke rente vanaf 21 februari 2020
;
Rechtbank Noord-Holland
Betrokkene stelde beroep in tegen een crisismaatregel opgelegd door de burgemeester van een gemeente en verzocht tevens om schadevergoeding van zowel de gemeente als de GGZ-instelling Parnassia. De crisismaatregel betrof tijdelijke verplichte zorg, waaronder insluiting en medicatie, die voorafging aan de formele oplegging door de burgemeester.
De rechtbank oordeelde dat de burgemeester niet binnen twaalf uur na de medische verklaring had beslist, waardoor betrokkene langer dan wettelijk toegestaan aan ingrijpende zorg was onderworpen. Dit was echter niet te wijten aan de burgemeester, maar aan de psychiater van Parnassia die de burgemeester te laat informeerde. De rechtbank vond geen schending van het recht om gehoord te worden, omdat betrokkene psychotisch was en niet aanspreekbaar.
Het beroep tegen de crisismaatregel werd ongegrond verklaard. Het verzoek om schadevergoeding ten laste van de gemeente werd afgewezen, maar de GGZ-instelling werd aansprakelijk gehouden voor de onrechtmatige duur van de tijdelijke verplichte zorg. De rechtbank kende een schadevergoeding van € 75,00 per dag toe, met wettelijke rente vanaf de datum van het verzoek.
Uitkomst: Beroep tegen crisismaatregel ongegrond; schadevergoeding van €75 per dag toegekend aan betrokkene tegen GGZ-instelling wegens onrechtmatige tijdelijke verplichte zorg.