ECLI:NL:RBNHO:2019:8910

Rechtbank Noord-Holland

Datum uitspraak
23 oktober 2019
Publicatiedatum
28 oktober 2019
Zaaknummer
9011637 AO VERZ 19-73
Type
Uitspraak
Uitkomst
Toewijzend
Procedures
  • Beschikking
Rechters
Vindplaatsen
  • Rechtspraak.nl
Aangehaalde wetgeving Pro
Art. 7:652 lid 8 sub d BWArt. 7:672 lid 10 BWArt. 7:686a lid 1 BWArt. 7:625 BWArt. 7:626 BW
AI samenvatting door LexboostAutomatisch gegenereerd

Nietigheid tweede proeftijdbeding en vergoeding onregelmatige opzegging arbeidsovereenkomst

De werknemer trad op 1 mei 2019 in dienst bij Sport 2 Move met een arbeidsovereenkomst voor bepaalde tijd van 12 maanden en een proeftijd van één maand. Na beëindiging binnen de eerste proeftijd werd een tweede arbeidsovereenkomst gesloten met wederom een proeftijd van één maand. De werkgever beëindigde deze tweede overeenkomst met een beroep op het proeftijdbeding.

De werknemer stelde dat het tweede proeftijdbeding nietig is op grond van artikel 7:652 lid 8 sub d BW Pro, omdat de tweede overeenkomst geen duidelijk andere vaardigheden of verantwoordelijkheden vereiste. De werkgever voerde geen verweer en verscheen niet op de zittingen.

De kantonrechter oordeelde dat het tweede proeftijdbeding inderdaad nietig is en dat de opzegging zonder inachtneming van de wettelijke opzegtermijn is gedaan. Daarom werd de werkgever veroordeeld tot betaling van een vergoeding wegens onregelmatige opzegging, evenals vergoeding van niet-genoten vakantiedagen en vakantietoeslag, inclusief wettelijke rente en verhoging. Tevens werd de werkgever verplicht correcte loonspecificaties te verstrekken en de proceskosten te vergoeden.

Uitkomst: De rechtbank verklaart het tweede proeftijdbeding nietig en veroordeelt de werkgever tot betaling van een vergoeding wegens onregelmatige opzegging en achterstallige vakantievergoedingen.

Uitspraak

RECHTBANK NOORD-HOLLAND

Handel, Kanton en Bewind
locatie Alkmaar
Zaaknr./rolnr.: 8011637 \ AO VERZ 19-73 (PA)
Uitspraakdatum: 23 oktober 2019 (bij vervroeging)
Beschikking in de zaak van:
[verzoeker]
wonende te [woonplaats]
verzoekende partij
verder te noemen: [verzoeker]
gemachtigde: mr. J.G. Burgers
[toevoeging: 4NS6354]
tegen
de besloten vennootschap
Sport 2 Move Warmenhuizen B.V.,
gevestigd te Warmenhuizen
verwerende partij
verder te noemen: Sport 2 Move
niet verschenen

1.Het procesverloop

1.1.
[verzoeker] heeft een verzoek gedaan om Sport 2 Move te veroordelen tot betaling van de vergoeding wegens onregelmatige opzegging en betalingen die te maken hebben met de eindafrekening. Sport 2 Move heeft geen verweerschrift ingediend.
1.2.
Op 27 september 2019 heeft een zitting plaatsgevonden. Sport 2 Move is niet op de zitting verschenen. De nadere mondelinge behandeling van de zitting is vervolgens bepaald op 16 oktober 2019. Sport 2 Move is – ondanks dat zij daartoe deugdelijk is opgeroepen – niet verschenen op de zitting van 16 oktober 2019. [verzoeker] is verschenen. De griffier heeft aantekeningen gemaakt.

2.De feiten

2.1.
[verzoeker], geboren [geboortedatum] 1973, is op 1 mei 2019 voor ‘
bepaalde tijd voor de duur van 12 maanden’ in dienst getreden bij Sport 2 Move als fitness coördinator met een salaris van € 2.000,00 bruto per maand, exclusief emolumenten. In deze arbeidsovereenkomst (hierna: de eerste arbeidsovereenkomst) is een proeftijd van één maand overeengekomen.
2.2.
Bij brief van 31 mei 2019 heeft Sport 2 Move [verzoeker] bericht de arbeidsovereenkomst per 1 juni 2019 in de overeengekomen proeftijd te beëindigen.
2.3.
Partijen zijn vervolgens met ingang van 1 juni 2019 een nieuwe arbeidsovereenkomst voor bepaalde tijd van 12 maanden overeengekomen (hierna: de tweede arbeidsovereenkomst). De laatste functie die [verzoeker] vervulde, is die van fitness coördinator van € 2.000,00 bruto per maand, exclusief emolumenten. In deze arbeidsovereenkomst is eveneens een proeftijd van één maand overeengekomen.
2.4.
Bij e-mail van 30 juni 2019 heeft Sport 2 Move de tweede arbeidsovereenkomst met een beroep op het proeftijdbeding beëindigd.

3.Het verzoek

3.1.
[verzoeker] verzoekt een verklaring voor recht dat het proeftijdbeding in de tweede arbeidsovereenkomst nietig is. Daarnaast verzoekt [verzoeker] een verklaring voor recht dat de opzegging door Sport 2 Move is gedaan zonder inachtneming van de voor de opzegging geldende bepalingen en dat Sport 2 Move een schadevergoeding aan [verzoeker] is verschuldigd. [verzoeker] verzoekt de kantonrechter verder Sport 2 Move te veroordelen tot betaling van de vergoeding voor onregelmatige opzegging, te weten een bedrag van € 2.160,00 bruto. [verzoeker] verzoekt ook Sport 2 Move te veroordelen tot betaling van de vergoeding voor niet genoten vakantiedagen, zijnde € 322,26 bruto en de vakantietoeslag over de maand juni 2019, zijnde € 160,00 bruto.
3.2.
Aan dit verzoek legt [verzoeker] ten grondslag – kort weergegeven – dat het proeftijdbeding in de tweede arbeidsovereenkomst ongeldig is, waarmee tevens de opzegging van zijn arbeidsovereenkomst vernietigbaar is. Daarnaast heeft [verzoeker] nog recht op betaling van de niet genoten vakantiedagen en de vakantietoeslag.

4.Het verweer

4.1.
Sport 2 Move heeft geen verweerschrift ingediend en is niet op de zittingen van 27 september 2019 en 16 oktober 2019 verschenen.
4.2.
Er is dus geen verweer gevoerd tegen het verzoek van [verzoeker].

5.De beoordeling

5.1.
De kantonrechter overweegt dat hij op de zitting van 27 september 2019 heeft bepaald dat Sport 2 Move bij deurwaardersexploot moet worden opgeroepen voor de zitting van 16 oktober 2019. [verzoeker] heeft Sport 2 Move vervolgens voor de zitting van 16 oktober 2019 laten oproepen met een exploot van de deurwaarder van 4 oktober 2019. Daarbij is ook het verzoekschrift gevoegd. Gelet hierop is Sport 2 Move deugdelijk opgeroepen en kan de kantonrechter nu een beslissing nemen.
5.2.
Het gaat in deze zaak om de vraag of sprake is van een rechtsgeldige opzegging van de arbeidsovereenkomst door Sport 2 Move. Naar het oordeel van de kantonrechter moet deze vraag ontkennend worden beantwoord. Daarover wordt het volgende overwogen.
5.3.
In de wet, het Burgerlijk Wetboek (hierna: BW), is geregeld dat een proeftijdbeding nietig is, indien het beding is opgenomen in een opvolgende arbeidsovereenkomst tussen een werknemer en dezelfde werkgever, tenzij die overeenkomst duidelijk andere vaardigheden of verantwoordelijkheden van de werknemer eist dan de vorige arbeidsovereenkomst (artikel 7:652 lid 8 sub d BW Pro). Naar het oordeel van de kantonrechter betreft de tweede arbeidsovereenkomst, met als ingangsdatum 1 juni 2019, een dergelijke opvolgende arbeidsovereenkomst. Vast staat immers dat de tweede arbeidsovereenkomst geen duidelijke andere vaardigheden of verantwoordelijkheden van [verzoeker] verlangde dan de vorige arbeidsovereenkomst.
5.4.
Dat betekent dat het proeftijdbeding in de tweede arbeidsovereenkomst nietig is. De opzegging, die is gedaan met een beroep op dat beding, is dan ook niet rechtsgeldig, omdat de opzegtermijn van één maand niet in acht is genomen.
5.5.
Omdat de opzegging van de arbeidsovereenkomst niet rechtsgeldig is, zullen de door [verzoeker] verzochte verklaringen voor recht worden toegewezen.
5.6.
De gevorderde vergoeding wegens onregelmatige opzegging zal ook worden toegewezen. Sport 2 Move is die vergoeding verschuldigd aan [verzoeker], omdat is opgezegd tegen een eerdere dag dan die tussen partijen geldt. De vergoeding is gelijk aan het bedrag aan loon over de termijn dat de arbeidsovereenkomst bij regelmatige opzegging had behoren voort te duren (artikel 7:672 lid 10 BW Pro). De door [verzoeker] gevorderde vergoeding wegens onregelmatige opzegging van € 2.160,00 bruto wordt dan ook als onweersproken toegewezen. De gevorderde wettelijke rente over deze vergoeding zal worden toegewezen, te rekenen vanaf de dag waarop de arbeidsovereenkomst is geëindigd, dus vanaf 30 juni 2019 (artikel 7:686a lid 1 BW).
5.7.
De vergoeding voor niet genoten vakantiedagen van € 322,26 bruto en de vakantietoeslag van € 160,00 bruto zullen eveneens als onweersproken worden toegewezen. Nu Sport 2 Move na de einddatum van de arbeidsovereenkomst niet tijdig is overgegaan tot betaling van de vakantietoeslag, zal de door [verzoeker] gevorderde wettelijke verhoging van artikel 7:625 BW Pro worden toegewezen.
5.8.
De verzochte verstrekking van correcte specificaties van het aan [verzoeker] betaalde, zal worden toegewezen nu artikel 7:626 BW Pro Sport 2 Move daartoe verplicht. De door [verzoeker] gevorderde dwangsom zal worden gemaximeerd als na te melden.
5.9.
De proceskosten komen voor rekening van Sport 2 Move, omdat zij ongelijk krijgt. Wegens het ontbreken van een wettelijke grondslag is een kostenveroordeling met de verplichting tot betaling van de explootkosten niet mogelijk.

6.De beslissing

De kantonrechter:
6.1.
verklaart voor recht dat de in de op 31 mei 2019 tussen partijen aangegane overeenkomst vermelde proeftijd nietig is;
6.2.
verklaart voor recht dat de opzegging van Sport 2 Move van de arbeidsovereenkomst is gedaan zonder inachtneming van de voor opzegging geldende bepalingen en dat Sport 2 Move aan [verzoeker] de vergoeding wegens onregelmatige opzegging is verschuldigd;
6.3.
veroordeelt Sport 2 Move om aan [verzoeker] binnen zeven dagen na deze beschikking de vergoeding wegens onregelmatige opzegging te betalen van € 2.160,00 bruto, te vermeerderen met de wettelijke rente over dat bedrag vanaf 30 juni 2019 tot aan de dag van de gehele betaling;
6.4.
veroordeelt Sport 2 Move om aan [verzoeker] binnen zeven dagen na deze beschikking aan niet-genoten vakantiedagen te betalen een bedrag van € 322,26 bruto te vermeerderen met de wettelijke rente vanaf 30 juni 2019 tot aan de dag van de gehele betaling;
6.5.
veroordeelt Sport 2 Move om aan [verzoeker] binnen zeven dagen na deze beschikking aan vakantietoeslag over de maand juni 2019 te betalen een bedrag van € 160,00 bruto, te vermeerderen met de wettelijke verhoging ex artikel 7:625 BW Pro en te vermeerderen met de wettelijke rente vanaf 30 juni 2019 tot aan de dag van de gehele betaling;
6.6.
veroordeelt Sport 2 Move om aan [verzoeker] binnen veertien dagen na deze beschikking loonspecificaties te verstrekken met betrekking tot de aan [verzoeker] te verrichten betalingen, op straffe van verbeurte van een dwangsom van € 50,00 voor iedere dag dat Sport 2 Move daarmee in gebreke blijft, tot een maximum van € 2.500,00;
6.7.
veroordeelt Sport 2 Move tot betaling van de proceskosten, die de kantonrechter aan de kant van [verzoeker] tot en met vandaag vaststelt op € 561,00, te weten:
griffierecht € 81,00
salaris gemachtigde € 480,00 ;
6.8.
verklaart deze beschikking uitvoerbaar bij voorraad.
Deze beschikking is gewezen door mr. P.J. Jansen, kantonrechter en op 23 oktober 2019 in het openbaar uitgesproken in aanwezigheid van de griffier.
De griffier De kantonrechter