ECLI:NL:RBNHO:2019:6766
Rechtbank Noord-Holland
- Voorlopige voorziening
- Rechtspraak.nl
Vernietiging weigering omgevingsvergunning voor verblijfsaccommodatie wegens onvoldoende motivering
Verzoekster had een omgevingsvergunning gekregen voor het wijzigen van de bestemming van een woning naar verblijfsaccommodatie, maar dit besluit werd na bezwaar van derde partijen herroepen en de vergunning geweigerd door de gemeente Landsmeer. Verzoekster stelde beroep in tegen deze weigering en vroeg om een voorlopige voorziening.
De voorzieningenrechter stelde in een tussenuitspraak dat het bestreden besluit onvoldoende gemotiveerd was, met name over de verkeersaantrekkende werking en woningonttrekking. De gemeente kreeg de gelegenheid om dit gebrek te herstellen en diende een nadere motivering in, waarin zij het belang van het behoud van woonruimte en het voorkomen van extra verkeer benadrukte.
Verzoekster betwistte de motivering, stellende dat de woningmarkt niet onder druk staat en dat er geen sprake is van extra overlast of verkeer. De voorzieningenrechter oordeelde dat de gemeente beleidsvrijheid heeft en dat de nadere motivering voldoende is om het besluit te dragen.
Hoewel het besluit wegens motiveringsgebrek werd vernietigd, blijven de rechtsgevolgen van de weigering in stand. De gemeente wordt veroordeeld tot vergoeding van griffierecht en proceskosten. De uitspraak bevestigt dat een volledige heroverweging bij bezwaar kan leiden tot een ander besluit dan het primaire besluit.
Uitkomst: Het beroep wordt gegrond verklaard, het bestreden besluit wordt vernietigd, maar de weigering van de omgevingsvergunning blijft in stand.