Uitspraak
Rechtbank noord-holland
uitspraak van de meervoudige kamer van 28 juni 2019 in de zaken tussen
de inspecteur van de Belastingdienst, verweerder.
Procesverloop
Overwegingen
€ 474.550 dat ten onrechte in 2009 in aanmerking is genomen. De toenmalige adviseur van eiseres [C] ( [C] ) heeft een en ander geconstateerd bij het opmaken van de jaarstukken voor het jaar 2010. [C] heeft toen een en ander verwerkt in de jaarstukken voor 2010. Er is echter geen met die aanpassing samenhangende suppletieaangifte omzetbelasting voor de teveel teruggevraagde voorbelasting ingediend over 2009. De naheffingsaanslag voor het jaar 2009 (19% over € 474.550) is, ter voorkoming van verjaring, reeds lopende het boekenonderzoek opgelegd op 17 december 2014. Bij de verdere controle bleek dat uiteindelijk over 2009 voor de [C BEDRIJF] -facturen een bedrag van € 79.745 teveel aan voorbelasting in aftrek was gebracht zodat de naheffingsaanslag in zoverre dient te worden verminderd;