Uitspraak
RECHTBANK NOORD-HOLLAND
uitspraak van de enkelvoudige kamer van 3 januari 2019 in de zaak tussen
[eiser] , te [woonplaats] , eiser
het college van burgemeester en wethouders van de gemeente Texel, verweerder
V.O.F. [naam 1], te [woonplaats] , gemachtigde: mr. H.S. de Lint.
Procesverloop
‘ [perceel] ’) voor de periode van 15 maart 2018 tot en met 31 oktober 2022.
Overwegingen
Beslissing
- verklaart het beroep gegrond
- vernietigd het bestreden besluit
- herroept het primaire besluit en bepaalt dat deze uitspraak in de plaats treedt van het vernietigde besluit
- draagt verweerder op het betaalde griffierecht van € 170,- aan eiser te vergoeden
- veroordeelt verweerder in de proceskosten tot een bedrag van € 2.004,-.