Uitspraak
RECHTBANK NOORD-HOLLAND
1.Tenlastelegging
2.Voorvragen en aanhoudingsverzoek
3.Bewijs
- de bekennende verklaring van verdachte ter terechtzitting afgelegd;
- het proces-verbaal van aangifte van [aangever] van 8 oktober 2018 (dossierpagina’s 12 tot en met 15);
- de bekennende verklaring van verdachte ter terechtzitting afgelegd;
- het proces-verbaal van aangifte van [aangever] van 8 september 2018 (dossierpagina’s 244 tot en met 246).
- die [naam winkel] is binnengegaan en
- die [aangever] een op een vuurwapen gelijkend voorwerp heeft getoond en
- dit op een vuurwapen gelijkend voorwerp in de richting van voornoemde [aangever] heeft gericht en gehouden en
- die [aangever] de woorden heeft toegevoegd: “Ik wil geld” en “Ik wil blowen, ik heb geld nodig” en
- die [aangever] onder bedreiging van voornoemd wapen een tas heeft gegeven met de opdracht die tas te vullen met biljetten en kleingeld;
- met gezichtsbedekking het [naam winkel] is ingerend en
- die [aangever] een mes heeft getoond en
- in de richting van voornoemde [aangever] stekende bewegingen heeft gemaakt en
- die [aangever] de woorden heeft toegevoegd: “Geld, geld, ik wil je geld”;
4.Kwalificatie en strafbaarheid van de feiten
5.Strafbaarheid van verdachte
6.Motivering van de sancties
- het op naam van verdachte staand Uittreksel Justitiële Documentatie, gedateerd 14 november 2018, waaruit blijkt dat verdachte niet eerder is veroordeeld;
- het over verdachte uitgebrachte ForCA-rapport, van 21 februari 2019 van GZ-psycholoog [GZ-psycholoog] en kinder- en jeugdpsychiater [kinder- en jeugdpsychiater] ;
- het over verdachte uitgebrachte voorlichtingsrapport, gedateerd 8 april 2019, van [raadsonderzoeker] , als raadsonderzoeker verbonden aan de Raad voor de Kinderbescherming (hierna: de Raad).
7.Toepasselijke wettelijke voorschriften
8.Beslissing
vier maanden.