Airhelp vordert compensatie van TAP wegens een vluchtvertraging van meer dan drie uur op vlucht TP659 van Amsterdam naar Porto op 21 juli 2017. TAP weigert betaling en betwist de bevoegdheid van Airhelp tot inning van de vordering, stellende dat geen geldige cessie heeft plaatsgevonden omdat TAP geen mededeling van cessie heeft ontvangen.
De rechtbank stelt vast dat aan de vereisten voor cessie is voldaan, omdat de cessie in deze procedure ter kennis van TAP is gebracht, ook al was deze niet bij dagvaarding voltooid. De stelling van TAP dat het assignment form niet door de juiste persoon is ondertekend, wordt verworpen wegens gebrek aan duidelijkheid en onderbouwing.
Verder oordeelt de rechtbank dat Airhelp haar stelplicht omtrent de grondslag van de compensatie heeft hersteld en dat TAP niet in haar procesbelang is geschaad. TAP voert aan dat de vertraging het gevolg is van een buitengewone omstandigheid, namelijk een birdstrike op een voorgaande vlucht, en overlegt een Flightlog ter onderbouwing.
Omdat Airhelp nog niet op dit verweer heeft kunnen reageren, wordt de zaak verwezen naar een volgende rolzitting voor nadere schriftelijke reactie van Airhelp en daaropvolgende reactie van TAP. De rechtbank houdt verdere beslissing aan.