ECLI:NL:RBNHO:2018:9713
Rechtbank Noord-Holland
- Eerste aanleg - enkelvoudig
- Rechtspraak.nl
Afwijzing verzoek tot co-ouderschap wegens loyaliteitsconflict en gedragsproblemen minderjarige
De man verzocht de rechtbank om de zorgregeling voor zijn twee minderjarige kinderen te wijzigen in een co-ouderschapsregeling waarbij de kinderen gelijktijdig een week bij hem verblijven en een week bij de moeder. De vrouw, de gezinsvoogd en de Raad voor de Kinderbescherming waren tegen dit verzoek vanwege de problematische thuissituatie en het langdurige conflict tussen de ouders.
De kinderen zijn sinds 2012 onder toezicht gesteld, waarbij de jongste ondertoezichtstelling inmiddels is beëindigd. Bij de oudste is sprake van een reactieve hechtingsstoornis, PTSS en vermoedens van PDD-NOS, met gedragsproblemen en loyaliteitsconflicten die mede veroorzaakt worden door de strijd tussen de ouders. De man vertoont weerstand tegen hulpverlening en een problematische houding ten opzichte van autoriteit en hulpverleners.
De Raad en Jeugd- & Gezinsbeschermers adviseerden de rechtbank om de zorgregeling terug te brengen tot een weekendregeling per veertien dagen, omdat de huidige co-ouderschapsregeling niet in het belang is van de kinderen. De rechtbank volgde dit advies en oordeelde dat rust en duidelijkheid noodzakelijk zijn voor de ontwikkeling van de kinderen. Het verzoek van de man werd afgewezen, terwijl de behandeling van de kinderbijdrage werd aangehouden.
De rechtbank benadrukte dat het belang van de kinderen voorop staat en dat de ouders zich moeten neerleggen bij de beslissing om verdere escalatie en negatieve effecten op de kinderen te voorkomen.
Uitkomst: Het verzoek van de man tot wijziging van de zorgregeling in een week-op-week-af regeling wordt afgewezen.