Uitspraak
Rechtbank noord-holland
uitspraak van de meervoudige kamer van 6 juli 2018 in de zaak tussen
[X] , wonende te [Z] , eiser
de inspecteur van de Belastingdienst, kantoor Amsterdam, verweerder.
Procesverloop
Overwegingen
Geschil12. In geschil is of de inkomsten uit de werkzaamheden die eiser heeft verricht, kwalificeren als winst uit onderneming, als resultaat uit overige werkzaamheden dan wel als loon uit dienstbetrekking.
(€ 2.517) en de verkoopkosten (€ 274) in aanmerking worden genomen.
€ 2.791.
Beslissing
- verklaart het beroep gegrond;
- vernietigt de uitspraak op bezwaar;
- vermindert de belastingaanslag tot een berekend naar een belastbaar inkomen uit werk en woning van € 66.085 en een belastbaar inkomen uit sparen en beleggen van € 1.611 en bepaalt dat deze uitspraak in de plaats treedt van het vernietigde bestreden besluit;
- veroordeelt verweerder in de proceskosten van eiser tot een bedrag van € 1.002;
- draagt verweerder op het betaalde griffierecht van € 46 aan eiser te vergoeden.
mr. R. van Scharrenburg, leden, in aanwezigheid van mr. R.A. Brits, griffier. De beslissing is in het openbaar uitgesproken op 6 juli 2018.