De rechtbank Noord-Holland heeft verdachte vrijgesproken van het ten laste gelegde feit van mensenhandel met betrekking tot de werving van een minderjarige als (seks)slavin, omdat niet is bewezen dat hij het oogmerk had van (seksuele) uitbuiting. Hoewel verdachte handelingen verrichtte die naar uiterlijke verschijningsvorm op werving leken, achtte de rechtbank deze handelingen onderdeel van een fantasierol binnen een stressvolle periode en ontbrak concrete actie om de overdracht te effectueren.
Wel werd bewezen verklaard dat verdachte in bezit was van 51 kinderpornografische foto’s en een dierenpornografische afbeelding, gevonden op zijn MacBook Air. Verdachte gaf toe actief op zoek te zijn geweest naar dergelijke afbeeldingen via sekschatwebsites en Skype, en ondanks het wegklikken van de afbeeldingen, had hij bewust de aanmerkelijke kans aanvaard dat deze toegankelijk bleven.
De rechtbank veroordeelde verdachte tot een gevangenisstraf van 47 dagen onvoorwaardelijk, gelijk aan de duur van het voorarrest, en een voorwaardelijke gevangenisstraf van 30 dagen met een proeftijd van twee jaar. Als bijzondere voorwaarden werden een meldplicht bij de reclassering en voortzetting van behandeling bij de forensische polikliniek De Waag opgelegd. De straf weerspiegelt de ernst van het bezit van kinderporno, de persoonlijke omstandigheden van verdachte, en het ontbreken van eerdere veroordelingen.