ECLI:NL:RBNHO:2017:6492
Rechtbank Noord-Holland
- Eerste aanleg - enkelvoudig
- C.E. Heyning-Huydecoper
- Rechtspraak.nl
Afwijzing verzoek tot beëindiging gezamenlijk gezag ondanks instemming ouders
De vrouw verzocht de rechtbank om het gezamenlijk gezag over haar minderjarige kinderen te beëindigen en het eenhoofdig gezag aan haar toe te wijzen. Zij baseerde haar verzoek op een verleden van geweld en de psychische problemen van de man, alsmede diens voorgenomen verhuizing naar Turkije.
De Raad voor de Kinderbescherming stond achter het verzoek, omdat beide ouders het eens waren, en achtte beëindiging van het gezamenlijk gezag in het belang van de kinderen. De rechtbank benadrukte dat instemming van ouders niet automatisch tot toewijzing leidt; het belang van de kinderen staat voorop.
Uit de stukken en de zitting bleek dat de situatie tussen partijen inmiddels verbeterd is, met regelmatig contact en overleg over de kinderen. De rechtbank vond geen onaanvaardbaar risico dat de kinderen klem of verloren zouden raken tussen de ouders bij voortzetting van het gezamenlijk gezag.
De vermeende verhuizing van de man naar Turkije werd niet onderbouwd met bewijs en werd als een onzekere toekomstige gebeurtenis beschouwd. Daarom vormde dit geen grond voor eenhoofdig gezag.
De rechtbank wees het verzoek van de vrouw af en bevestigde het gezamenlijk gezag over de minderjarigen.
Uitkomst: Het verzoek tot beëindiging van het gezamenlijk gezag en toewijzing van eenhoofdig gezag aan de moeder is afgewezen.