Uitspraak
RECHTBANK NOORD-HOLLAND
1.De procedure
- het tussenvonnis van 7 september 2016
- het proces-verbaal van comparitie van 17 maart 2017.
2.De feiten
3.Het geschil
4.De beoordeling
4.000,-(2,0 punten × tarief € 2.000,-)
Rechtbank Noord-Holland
Euromet S.A., gevestigd in Zwitserland, vorderde dat de executoriale verkoop van Plus Trade Netherlands B.V. via internet nietig werd verklaard en dat de Ontvanger van de Belastingdienst werd veroordeeld tot schadevergoeding wegens onrechtmatig handelen. De executoriale verkoop vond plaats op 15 oktober 2015 via een online veiling georganiseerd door Troostwijk, waarbij de verkoopvoorwaarden en het openbaarheidsvereiste van artikel 463 Rv Pro in geschil waren.
De rechtbank stelde vast dat de Nederlandse rechter bevoegd was en Nederlands recht van toepassing was. Euromet had voldoende belang bij haar vorderingen als schuldeiser van Plus Trade. De rechtbank oordeelde dat de online veiling voldeed aan het openbaarheidsvereiste, omdat deze breed werd aangekondigd en toegankelijk was voor geïnteresseerden, en dat een internetveiling transparanter kan zijn dan een fysieke veiling.
Euromet stelde dat de taxatie en vaststelling van minimum biedprijzen onzorgvuldig waren en dat de opbrengst veel lager was dan de marktwaarde. De rechtbank vond dat de Ontvanger een deskundige taxateur had ingeschakeld en dat de opbrengst hoger was dan de taxatiewaarde. Bovendien is bij een gedwongen verkoop de marktwaarde niet leidend. Er was geen bewijs dat hogere minimum biedprijzen tot een hogere opbrengst hadden geleid.
De rechtbank concludeerde dat er geen onrechtmatig handelen door de Ontvanger was en wees zowel de primaire vordering tot nietigverklaring als de subsidiaire schadevordering af. Euromet werd veroordeeld in de proceskosten, die uitvoerbaar bij voorraad werden verklaard.
Uitkomst: De rechtbank wijst de vorderingen van Euromet af en veroordeelt Euromet in de proceskosten.