Uitspraak
RECHTBANK NOORD-HOLLAND
1.Tenlastelegging
2.Voorvragen
3.Bewijs
- de bekennende verklaring van verdachte ter terechtzitting afgelegd;
- het in de wettelijke vorm opgemaakte proces-verbaal van verhoor van aangeefster d.d. 17 januari 2017 (dossierpagina 34-37);
- het in de wettelijke vorm opgemaakte proces-verbaal van verhoor van aangeefster d.d. 17 januari 2017 (dossierpagina 47-56).
4.Kwalificatie en strafbaarheid van de feiten
5.Strafbaarheid van verdachte
volledig toerekeningsvatbaarte beschouwen. De rechtbank verenigt zich met deze conclusie en neemt deze over. Verdachte is derhalve strafbaar.
6.Motivering van de sanctie
7.Vordering benadeelde partij en schadevergoedingsmaatregel
8.Toepasselijke wettelijke voorschriften
9.Beslissing
15 (vijftien) maanden.
5 (vijf) maanden nietten uitvoer zal worden gelegd en stelt daarbij een proeftijd vast van twee jaren.
na afronding van de klinische opname en gedurende de proeftijd, zal verblijven in een instelling voor begeleid wonen of maatschappelijke opvang en zich zal houden aan het (dag-) programma dat deze instelling in overleg met de reclassering heeft opgesteld.
€ 1.900,-bestaande uit immateriële schade, en veroordeelt verdachte tot betaling van dit bedrag vermeerderd met de wettelijke rente over dit bedrag vanaf 17 januari 2017 tot aan de dag der algehele voldoening, aan [slachtoffer] , voornoemd, tegen behoorlijk bewijs van kwijting.
29 dagenhechtenis, met dien verstande dat toepassing van de vervangende hechtenis de betalingsverplichting niet opheft.