Uitspraak
RECHTBANK NOORD-HOLLAND
1.Tenlastelegging
2.Voorvragen
3.Bewijs
Dit kan mogelijk worden verklaard als gevolg van de beschreven gebeurtenissen in samenhang met de grote angst waarin aangever dagenlang heeft verkeerd, maar hierin is voor de rechtbank wel grond voor terughoudendheid bij het bezigen van de verklaringen gelegen.
De rechtbank is van oordeel dat op basis van het dossier niet kan worden vastgesteld dat aangever op enig moment van zijn vrijheid is beroofd en/of beroofd is gehouden. Uit het dossier kan immers niet worden afgeleid waar en onder welke omstandigheden aangever, verdachte en medeverdachte [medeverdachte] na het ophalen van verdachte bij de woning aan de [adres 2] naar toe zijn gegaan en in welke omstandigheden aangever gedurende die rit en daarna verkeerde. Zo is niet komen vast te staan dat aangever de auto feitelijk niet kon verlaten en evenmin dat hij door verdachte of medeverdachte [medeverdachte] gedwongen werd om in die auto te blijven. Ook wordt de verklaring van aangever dat hij op een gegeven moment gedwongen in de kofferbak van een auto terecht is gekomen niet ondersteund door ander bewijs. Weliswaar bevinden zich in het dossier foto’s waarop aangever vastgebonden op een stoel, geblinddoekt en met zichtbaar letsel staat afgebeeld, maar naar het oordeel van de rechtbank is echter onvoldoende steunbewijs voorhanden dat aangever op dat moment wederrechtelijk van zijn vrijheid werd beroofd door verdachte en/of anderen.
De verklaringen van aangever voor zover die zien op de wederrechtelijke vrijheidsberoving, worden dan ook onvoldoende ondersteund door andere bewijsmiddelen, zodat verdachte van feit 1 dient te worden vrijgesproken.
- samengevat weergegeven - dat hij met aangever en zijn medeverdachte heeft samengewerkt om de afpersing van aangever te ensceneren zodat aangever geld kon lenen van familie en vrienden om zo zijn schuld aan verdachte af te lossen, strookt niet met de bewijsmiddelen in het dossier. Zo verklaart geen van de getuigen dat aangever in hun aanwezigheid telefonisch is afgeperst, hetgeen verdachte als verklaring voor de voor hem belastende getapte telefoongesprekken heeft gegeven. Verdachte wist blijkens zijn verklaring ter zitting zelf ook niet of aangever in de buurt van anderen was die bijvoorbeeld het telefoongesprek (sessie 159) met hem, waarin hij de bedreigingen uit, konden horen, waardoor alleen al dit telefoongesprek niet ter verwezenlijking van het door verdachte vermeende beoogde doel kon dienen. Daarnaast blijkt uit vele tapgesprekken dat aangever doodsbang was voor verdachte. Het dossier bevat geen enkele ondersteuning voor de verklaring van verdachte, inhoudende dat aangever op 5 juli 2017 in de ochtend/middag in de woning aan de [adres 2] in Purmerend door anderen zou zijn geslagen. Het alternatieve scenario wordt dan ook als onaannemelijk terzijde gesteld.
4.Kwalificatie en strafbaarheid van de feiten
5.Strafbaarheid van verdachte
6.Motivering van de sanctie
7.Vordering benadeelde partij en schadevergoedingsmaatregel
- Medische kosten Vegro € 28,00
- Medische kosten Benu Apotheek € 45,30
- Geldbedrag gegeven aan medeverdachte € 5.000,00
- Immateriële schade € 7.000,00
8.Toepasselijke wettelijke voorschriften
9.Beslissing
gevangenisstrafvoor de duur van
15 (vijftien) maanden.
[aangever]geleden schade tot een bedrag van
€ 5.073,30 (zegge: vijfduizend drieënzeventig euro en dertig cent), bestaande uit vergoeding voor de materiële schade, en veroordeelt verdachte tot betaling van dit bedrag, te vermeerderen met de wettelijke rente over dit bedrag vanaf 5 juli 2017 tot aan de dag der algehele voldoening.
[aangever]de verplichting op tot betaling aan de Staat van een bedrag van
€ 5.073,30 (zegge: vijfduizend drieënzeventig euro en dertig cent), bij gebreke van betaling of verhaal te vervangen door
60 dagen hechtenis, met dien verstande dat toepassing van de vervangende hechtenis de betalingsverplichting niet opheft en bepaalt dat het te betalen bedrag wordt vermeerderd met de wettelijke rente vanaf 5 juli 2017 tot aan de dag der algehele voldoening.
22 december 2017.