Uitspraak
RECHTBANK NOORD-HOLLAND
1.Tenlastelegging
2.Voorvragen
3.Bewijs
(de rechtbank begrijpt: [slachtoffer 1] )naar binnen heeft geduwd en die zij in eerste instantie te woord heeft gestaan. Hij is ook degene die haar onder bedreiging van een vuurwapen mee naar boven nam, nadat zij hem had gezegd dat er op zolder geld was [5] . [medeverdachte 1] heeft verklaard dat hij degene is op de kleurenfoto. [6]
Op het beeld van 19.54 uur zien de verbalisanten een man, herkend als de verdachte [medeverdachte 1], van rechts komen en de oprit oplopen. Hij belt aan, waarna hij de woning in gaat, gevolgd door twee andere NN verdachten 2 en 3. Hierop vindt de gewapende overval plaats [7] .
4.Kwalificatie en strafbaarheid van het feit
5.Strafbaarheid van verdachte
6.Motivering van de sanctie
Op het bewezenverklaarde kan slechts worden gereageerd met oplegging van een langdurige gevangenisstraf. Als uitgangspunt geldt daarbij het LOVS-oriëntatiepunt van vijf jaar. Gelet op het gewelddadige karakter van de overval en de straf die de medeverdachte in hoger beroep is opgelegd, vindt de rechtbank een hogere straf aangewezen. Het tijdverloop sinds de overval doet hier echter weer enigszins aan af. Het is niet, althans niet in overwegende mate, aan justitie te wijten dat het zo lang heeft geduurd. Verdachte heeft geen openheid van zaken gegeven en pas nadat een mededader is gaan praten kon het Openbaar Ministerie het onderzoek tegen verdachte vervolgen. Ook toen heeft de verdachte geen verantwoording willen afleggen.
Met betrekking tot de persoon van de verdachte heeft de rechtbank daarbij ook nog gelet op het op naam van de verdachte staand Uittreksel Justitiële Documentatie, gedateerd 14 oktober 2016, waaruit blijkt dat de verdachte eerder ter zake van gewelds- en vermogensdelicten is veroordeeld.
7.Toepasselijke wettelijke voorschriften
8.Beslissing
5 (vijf) jaren.