Op 12 maart 2015 plaatste verdachte op een openbare Facebookpagina de tekst 'Abfuhren' in reactie op mogelijke bouwplannen van een multicultureel centrum met moskee in Assendelft. De rechtbank oordeelde dat onvoldoende bewijs bestond dat verdachte hiermee willens en wetens aanzette tot geweld tegen moslims, waardoor hij voor dit primair ten laste gelegde feit werd vrijgesproken.
Wel werd bewezen verklaard dat verdachte zich schuldig maakte aan groepsbelediging door zich opzettelijk beledigend uit te laten over moslims vanwege hun geloofsovertuiging. De Facebookreactie werd in samenhang met eerdere reacties gezien als een verwijzing naar de gruwelijkheden tijdens de Holocaust, wat zeer kwetsend is en de eigenwaarde van moslims aantast.
De rechtbank benadrukte het belang van tolerantie en verdraagzaamheid in een democratische samenleving en oordeelde dat de strafrechtelijke veroordeling gerechtvaardigd is als noodzakelijke inbreuk op de vrijheid van meningsuiting. Verdachte werd veroordeeld tot een geldboete van €350, waarvan €150 voorwaardelijk met een proeftijd van twee jaar, mede ter algemene preventie.
De rechtbank hield rekening met het feit dat verdachte in het verleden niet eerder met soortgelijke feiten in aanraking was gekomen. De straf moet duidelijk maken dat de samenleving dergelijke uitlatingen veroordeelt en verafschuwt, en dient tevens om herhaling te voorkomen.
De uitspraak werd gedaan door de meervoudige strafkamer van de Rechtbank Noord-Holland op 22 juli 2016.