ECLI:NL:RBNHO:2016:3444

Rechtbank Noord-Holland

Datum uitspraak
24 februari 2016
Publicatiedatum
26 april 2016
Zaaknummer
C/15/239555 / HA RK 16/29
Instantie
Rechtbank Noord-Holland
Type
Uitspraak
Rechtsgebied
Civiel recht
Uitkomst
Niet-ontvankelijk
Procedures
  • Wraking
Vindplaatsen
  • Rechtspraak.nl
Aangehaalde wetgeving Pro
Art. 36 RvArt. 37 lid 2 Rv
AI samenvatting door LexboostAutomatisch gegenereerd

Wraking rechter afgewezen wegens kennelijke niet-ontvankelijkheid door gebrek aan motivering

Op 19 februari 2016 heeft verzoeker tijdens een zitting een wrakingsverzoek ingediend tegen de rechter in een lopende civiele zaak bij de rechtbank Noord-Holland, locatie Zaandam. Het verzoek betrof vermeende schending van het recht om niet gedagvaard te worden.

Volgens artikel 36 van Pro het Wetboek van Burgerlijke Rechtsvordering kan een rechter worden gewraakt indien feiten of omstandigheden de rechterlijke onpartijdigheid kunnen schaden. Een wrakingsverzoek moet ingevolge artikel 37 lid 2 Rv Pro gemotiveerd zijn met concrete feiten en omstandigheden die het vermoeden van partijdigheid rechtvaardigen.

Verzoeker heeft echter geen feiten of omstandigheden aangevoerd die de onpartijdigheid of onafhankelijkheid van de rechter onderbouwen. Hierdoor is het wrakingsverzoek kennelijk niet-ontvankelijk verklaard. De wrakingskamer heeft het verzoek buiten behandeling gesteld en de beslissing op 24 februari 2016 openbaar uitgesproken. Tegen deze beslissing staat geen rechtsmiddel open.

Uitkomst: Het wrakingsverzoek is kennelijk niet-ontvankelijk verklaard en buiten behandeling gesteld wegens gebrek aan motivering.

Uitspraak

beslissing

RECHTBANK NOORD-HOLLAND

[jw.sys.1.zaaknr] / [jw.sys.1.rolnummer_rekestnr][datum_beslissing]
Wrakingskamer
zaaknummer / rekestnummer: C/15/239555 / HA RK 16/29
Beslissing van 24 februari 2016
Op het verzoek tot wraking ingediend door:
[verzoeker] ,
wonende te [woonplaats] ,
verzoeker,
Het verzoek is gericht tegen:
mr. S. Kleij,
hierna te noemen: de rechter.

1.Overwegingen

1.1
Verzoeker heeft op 19 februari 2016 ter zitting de wraking verzocht van de rechter in de bij deze rechtbank, afdeling privaatrecht, sectie kanton, locatie Zaandam aanhangig zijnde zaak met als zaaknummer 4822137 / CV EXPL 16-881, hierna te noemen: de hoofdzaak.
1.2
Blijkens het proces-verbaal van de op 19 februari 2016 in de hoofdzaak gehouden zitting heeft verzoeker ter onderbouwing van zijn wrakingsverzoek het volgende naar voren gebracht:
“meneer(bedoeld wordt verzoeker; toevoeging wrakingskamer)
heeft het recht om niet gedagvaard te worden en daarom wraakt hij de rechter”.
1.3
Op grond van artikel 36 van Pro het Wetboek van Burgerlijke rechtsvordering (Rv.) kan de rechter die een zaak behandelt, worden gewraakt op grond van feiten of omstandigheden waardoor de rechterlijke onpartijdigheid schade zou kunnen lijden. Daarbij geldt als uitgangspunt dat een rechter uit hoofde van zijn aanstelling moet worden vermoed onpartijdig te zijn.
Daarnaast kan de vrees voor partijdigheid objectief gerechtvaardigd zijn indien sprake is van feiten of omstandigheden die grond geven om te vrezen dat een rechter niet onpartijdig is, waarbij ook de (te vermijden) schijn van partijdigheid van belang is.
1.4
Een verzoek tot wraking dient ingevolge artikel 37 lid 2 Rv Pro. gemotiveerd te zijn. De verzoekende partij dient opgave te doen van de feiten en omstandigheden die het vermoeden wettigen dat de rechter bij de behandeling van de zaak niet onpartijdig of niet onafhankelijk zal zijn.
1.5
Verzoeker heeft echter helemaal niets over (on)partijdigheid of onafhankelijkheid van de gewraakte rechter vermeld. Aangezien het verzoek niet gemotiveerd is, is het daardoor kennelijk niet-ontvankelijk.
1.6.
Overeenkomstig het bepaalde in paragraaf 9.1., in samenhang met paragraaf 4.1. van het wrakingsprotocol van deze rechtbank – op internet te vinden op de website van deze rechtbank onder: www. rechtspraak.nl/Rechtbank Noord-Holland/Regels en procedures – zal de wrakingskamer het verzoek tot wraking wegens kennelijke niet-ontvankelijkheid buiten behandeling stellen.

2.Beslissing

De rechtbank
2.1 -
- verklaart het gedane verzoek tot wraking kennelijk niet-ontvankelijk;
2.2 -
- stelt het verzoek tot wraking buiten behandeling.
Deze beslissing is gegeven door mr. P.H.B. Littooy, in tegenwoordigheid van mr. W.T. Delleman, griffier, en in het openbaar uitgesproken op 24 februari 2016.[concipiënt_initialen]
griffier voorzitter
Tegen deze beslissing staat geen rechtsmiddel open.