Uitspraak
RECHTBANK NOORD-HOLLAND
1.Tenlastelegging
de rechtbank leest: 2014] tot en met 14 april 2014 te Bergeijk , in elk geval in Nederland, tezamen en in vereniging met een of meer anderen ter voorbereiding van het misdrijf van artikel 157/311 Wetboek van Strafrecht (plofkraak) (namelijk: het op of omstreeks 12 april 2014, in elk geval in de maand april 2014 opzettelijk een ontploffing teweeg brengen in een geldautomaat in de omgeving van Bergeijk , in elk geval in Nederland, terwijl daarvan gemeen gevaar voor die geldautomaat en/of het gebouw waarin die geldautomaat zich bevond, in elk geval gemeen gevaar voor goederen te duchten was
2.Voorvragen
3.Inleiding
- feit 1: een ram-/plofkraak in Laren op 3 maart 2011,
- feit 2: een poging ram-/plofkraak in Almere op 17 maart 2011,
- feit 3: het verrichten van voorbereidingshandelingen voor een plofkraak in Bergeijk op 12 april 2014 dan wel in de periode van 12 tot en met 14 april 2014;
- feit 4: het lidmaatschap van een criminele organisatie.
4.Bewijs
deelnemingaan strafbare feiten.
5.Kwalificatie en strafbaarheid van de feiten
6.Strafbaarheid van verdachte
7.Motivering van de sanctie
8.Vordering benadeelde partij
9.Toepasselijke wettelijke voorschriften
10.Beslissing
13 (dertien) maanden.