Uitspraak
Rechtbank noord-holland
uitspraak van de meervoudige kamer van 8 september 2015 in de zaken tussen
[X] B.V., gevestigd te [Z] , eiseres,
de Staatssecretaris van Economische zaken, verweerder.
Procesverloop
[B] . Namens verweerder is verschenen mr. [C] .
Overwegingen
Geschil6. In geschil is of verweerder de voor de invoercertificaten gestelde zekerheid terecht verbeurd heeft verklaard. Meer in het bijzonder is in geschil of er sprake is van overmacht, waardoor niet de gehele in de invoercertificaten vermelde hoeveelheid binnen de geldigheidsduur van die invoercertificaten is ingevoerd. Tevens is in geschil of het vertrouwensbeginsel is geschonden door vermelding van een onjuiste geldigheidsduur in een van de invoercertificaten en of de geldigheidsduur van de invoercertificaten ten onrechte niet is verlengd.
stelt zich op het standpunt dat verlenging van de invoercertificaten na de laatste dag van de invoertariefcontingentsperiode niet mogelijk is.