ECLI:NL:RBNHO:2015:5125
Rechtbank Noord-Holland
- Eerste aanleg - meervoudig
- Rechtspraak.nl
Vrijspraak opzet invoer cocaïne; schuldvariant Opiumwet bewezen verklaard
Op 22 februari 2015 werd verdachte aangehouden op Schiphol met circa 2,9 kilogram cocaïne verborgen in spoelen glitterdraad. Verdachte verklaarde onwetend te zijn over de aanwezigheid van cocaïne en dacht te werken als koerier voor modemonsters. De rechtbank vond het relaas aannemelijk ondersteund door arbeidsovereenkomst en communicatie op laptop en telefoon.
De rechtbank oordeelde dat opzet en voorwaardelijk opzet niet bewezen konden worden verklaard, maar dat verdachte wel verwijtbaar onzorgvuldig handelde door zich niet te verdiepen in de inhoud van de bagage. Hierdoor werd de schuldvariant van artikel 2 onder Pro A Opiumwet bewezen verklaard.
De rechtbank veroordeelde verdachte tot 120 dagen hechtenis waarvan 76 dagen voorwaardelijk met een proeftijd van drie jaar, rekening houdend met de ernst van het feit en de medewerking van verdachte aan het onderzoek. Verdachte werd vrijgesproken van het meer of anders ten laste gelegde.
De straf weerspiegelt de ernst van de invoer van een grote hoeveelheid cocaïne, bestemd voor handel, en benadrukt normhandhaving en preventie. De uitspraak werd gedaan door de meervoudige strafkamer van de Rechtbank Noord-Holland op 17 juni 2015.
Uitkomst: Verdachte is vrijgesproken van opzet, maar veroordeeld tot 120 dagen hechtenis waarvan 76 dagen voorwaardelijk wegens schuldige invoer van cocaïne.