ECLI:NL:RBNHO:2015:4554
Rechtbank Noord-Holland
- Bodemzaak
- Rechtspraak.nl
Beroep tegen niet-ontvankelijkverklaring administratieve sanctie wegens onverzekerd motorrijtuig
Betrokkene kreeg een administratieve sanctie opgelegd wegens het niet afsluiten en in stand houden van een verplichte verzekering voor een motorrijtuig. Hij stelde beroep in bij de officier van justitie, die dit beroep niet-ontvankelijk verklaarde wegens te late indiening. Betrokkene voerde aan dat hij door een faillissement en postblokkade niet tijdig op de hoogte was gesteld van de beschikking.
De kantonrechter oordeelde dat de overschrijding van de beroepstermijn verschoonbaar was omdat de curator betrokkene niet had geïnformeerd en hij pas na opheffing van het faillissement de beschikking kon inzien. De termijn van twee maanden na opheffing werd als redelijk beschouwd gezien de omvang van de administratie.
Daarnaast stelde de kantonrechter vast dat het motorrijtuig op de datum van de overtreding in de faillissementsboedel viel en betrokkene er geen beschikking over had, waardoor het voertuig niet op de weg kon zijn geweest. Daarom werd de sanctie gematigd tot €100. De beslissing van de officier van justitie werd vernietigd en het beroep gedeeltelijk gegrond verklaard.
Uitkomst: Het beroep tegen de niet-ontvankelijkverklaring wordt gegrond verklaard en de sanctie gematigd tot €100.