Uitspraak
RECHTBANK NOORD-HOLLAND
1.Tenlastelegging
2.Voorvragen
3.Bewijs
- het proces-verbaal registratie intakegesprek met [slachtoffer 1] d.d. 11 juli 2010, nu het gesprek niet auditief is geregistreerd zoals voorgeschreven in de “Aanwijzing opsporing en vervolging van seksueel misbruik”;
- het proces-verbaal van aangifte van [slachtoffer 1] d.d. 24 september 2010, nu de aangifte niet auditief is opgenomen omdat er geen werkbare apparatuur aanwezig zou zijn;
- het proces-verbaal van verhoor getuige van [slachtoffer 2] d.d. 19 juli 2012, nu dit verhoor eveneens niet auditief is geregistreerd in strijd met de “Aanwijzing auditief en audiovisueel registreren van verhoren van aangevers, getuigen en verdachten”. Dit geldt evenzeer voor haar aangifte, opgenomen d.d. 20 november 2013, nu er voorafgaand aan deze aangifte evenmin een informatief gesprek heeft plaatsgevonden.
aan werken.
Ik weet nog dat ik een keer maar 680 euro had verdiend. Dat was de dag voor mijn verjaardag. Toen [dochter] de volgende dag, op mijn verjaardag, hoorde dat ik zo weinig verdiend had kreeg ik weer een klap van haar. [verdachte] zei toen tegen [dochter] dat ik jarig was die dag. Die dag hoefde ik niet te werken. De andere dagen vanaf oktober tot 21 december 2007 heb ik elke dag gewerkt.
A: Ze leefden als koning en koningin.
A: Wij met z’n allen: ik, [slachtoffer 6] en [dochter] en [medeverdachte].
A: Zij bewaarden het geld voor mij, ook om mijn familie te helpen. Dat hebben ze ook gedaan, maar niet zoveel als ik verdiend heb. Ik gaf alles aan hun. We hebben niks afgesproken over een verdeling.
A: Allebei zeiden ze dat, ze waren altijd samen. Als het niet genoeg was, kreeg je van allebei klappen.
A: Wij kregen 10 of 15 euro voor de trein. En zij zeiden dat ze geld dat wij voor ons zelf verdienden aan onze familie gaven. Allemaal dure dingen gekocht voor hun huis in Hongarije.
A: hun/zij en hem en haar. Hem is [achternaam] en haar is [dochter].
A: Ik was toen 21. Dus dat was in 2006.
A: Dat was een klant van me. Ik ben een paar dagen bij hem thuis geweest. Ik heb [getuige 2] wel veel verteld maar niet alles. Hij heeft hen ook gezien. Hij heeft me een keer ergens afgezet en toen kwamen zij me ophalen en toen heeft [getuige 2] hen gezien. Toen [getuige 2] me afzette, reden zij in een BMWX5.
Zij stond van 8 juni 2007 tot 19 januari 2010 ingeschreven op het adres: [adres 6].
4.Kwalificatie en strafbaarheid van de feiten
5.Strafbaarheid van verdachte
6.Motivering van de sanctie
- Gedeeltelijke, hoofdelijke toewijzing van de vordering van de benadeelde partij, [slachtoffer 1], tot een bedrag van € 165.537,-, met oplegging van de schadevergoedingsmaatregel;
- Hoofdelijke toewijzing van de vordering van de benadeelde partij, [slachtoffer 2], ten bedrage van € 332.000,-, met oplegging van de schadevergoedingsmaatregel.
7.Vordering benadeelde partijen en schadevergoedingsmaatregel
gestelde immateriële schade ad € 10.000,-.
8.Toepasselijke wettelijke voorschriften
9.Beslissing
DERTIG (30) MAANDEN.
[slachtoffer 1]niet ontvankelijk in haar vordering.
[slachtoffer 2]geleden schade tot een bedrag van € 249.400,-, vermeerderd met de wettelijke rente over dit bedrag vanaf 19 juli 2012 tot aan de dag der algehele voldoening, bestaande uit € 244.400,- voor de materiële en € 5.000,- voor de immateriële schade, en veroordeelt verdachte tot betaling van dit bedrag, Bepaalt dat indien genoemd bedrag geheel of gedeeltelijk door de medeverdachte is betaald, verdachte in zoverre zal zijn bevrijd.
[slachtoffer 2]de verplichting op tot betaling aan de Staat van een bedrag van € 249.400,-, vermeerderd met de wettelijke rente over dit bedrag vanaf 19 juli 2012 tot aan de dag der algehele voldoening, bij gebreke van betaling of verhaal te vervangen door 365 dagen hechtenis, met dien verstande dat toepassing van de vervangende hechtenis de betalingsverplichting niet opheft.