Uitspraak
- een portemonnee en/of
Naar het oordeel van de rechtbank is niet wettig en overtuigend bewezen hetgeen verdachte primair en subsidiair ten laste is gelegd en moet hij daarvan worden vrijgesproken.
Rechtbank Noord-Holland
Op 2 december 2013 vond een gewelddadige overval plaats op het administratiekantoor van de benadeelde partij te Heemskerk, waarbij sieraden, horloges, geld en andere waardevolle goederen werden weggenomen. Verdachte werd ervan verdacht samen met anderen deze overval te hebben gepleegd of daaraan medeplichtig te zijn geweest.
De verdenkingen tegen verdachte waren mede gebaseerd op familieverhoudingen en telefonische contacten met een van de overvallers. Ondanks deze aanwijzingen kon niet wettig en overtuigend worden vastgesteld dat verdachte daadwerkelijk betrokken was bij de overval. Verdachte ontkende elke betrokkenheid en verklaarde veelvuldig van telefoonnummer te wisselen, waardoor het gebruik van een relevant nummer op de dag van de overval niet kon worden vastgesteld.
De rechtbank oordeelde dat de aanwijzingen onvoldoende bewijs vormden om verdachte buiten redelijke twijfel te verbinden aan het gepleegde feit. Daarom werd verdachte vrijgesproken van de ten laste gelegde feiten. Tevens werd de benadeelde partij niet-ontvankelijk verklaard in haar vordering tot schadevergoeding, omdat het ten laste gelegde niet bewezen kon worden.
Uitkomst: Verdachte wordt vrijgesproken wegens onvoldoende bewijs en benadeelde partij niet-ontvankelijk verklaard in schadevordering.