ECLI:NL:RBNHO:2014:7695
Rechtbank Noord-Holland
- Raadkamer
- R.E.A. Toeter
- Rechtspraak.nl
Opheffing beslag op merkvervalste UGG-laarzen wegens gebrek aan opzet geadresseerde
Op 16 januari 2014 zijn een paar UGG-laarzen op rechtmatige wijze in beslag genomen op verdenking van invoer van merkvervalste goederen. Klaagster, de geadresseerde, heeft het klaagschrift ingediend tot opheffing van het beslag en teruggave van de laarzen. De rechtbank stelt vast dat er voldoende aanwijzingen waren voor het beslag, maar dat niet is gebleken dat klaagster wist of had moeten weten dat het om merkvervalste goederen ging.
Er is geen nader onderzoek verricht naar het opzet van klaagster, noch zijn er aanwijzingen dat zij (voorwaardelijk) opzet had op de invoer van de vervalste laarzen. De rechtbank oordeelt dat bij voorlegging aan de strafrechter vrijspraak waarschijnlijk is en dat teruggave van de goederen passend is, tenzij de verzender strafrechtelijk betrokken blijkt.
Gezien artikel 337, tweede lid, Sr, waarbij bezit voor eigen gebruik niet strafbaar is, acht de rechtbank het onwaarschijnlijk dat de strafrechter tot verbeurdverklaring of onttrekking aan het verkeer zal besluiten. Daarom verklaart de rechtbank het klaagschrift gegrond en heft het beslag op. Omdat de laarzen inmiddels vernietigd zijn zonder machtiging, zal de koopprijs aan klaagster worden uitgekeerd.
Uitkomst: Het beslag op de merkvervalste UGG-laarzen wordt opgeheven en de laarzen worden aan klaagster teruggegeven.