ECLI:NL:RBNHO:2014:4915
Rechtbank Noord-Holland
- Hoger beroep
- A.F. van Hoorn
- A.S. van Leeuwen
- G.D.M. Hoedemaker
- Rechtspraak.nl
Hoger beroep gegrond verklaard tegen afwijzing vordering tot inbewaringstelling verdachte
In deze zaak heeft de officier van justitie hoger beroep ingesteld tegen de beslissing van de rechter-commissaris van 18 april 2014, die de vordering tot inbewaringstelling van verdachte had afgewezen. De rechtbank Noord-Holland heeft het hoger beroep behandeld en vastgesteld dat de eerdere sepotbeslissing van 11 maart 2013 niet aan verdachte kenbaar was gemaakt of anderszins bekend was geworden.
De raadkamer oordeelt dat hierdoor het vertrouwensbeginsel niet is geschonden en dat de mogelijkheid dat de strafrechter de officier van justitie niet-ontvankelijk zal verklaren, niet ernstig hoeft te worden meegenomen. Gezien de inhoud van het dossier zijn er ernstige bezwaren tegen verdachte en is er een gewichtige reden van maatschappelijke veiligheid die onmiddellijke vrijheidsbeneming rechtvaardigt.
De verdenking betreft een feit waarop een gevangenisstraf van twaalf jaren of meer staat en dat de rechtsorde ernstig heeft geschokt. De raadkamer verklaart het hoger beroep gegrond, vernietigt de beschikking van de rechter-commissaris en beveelt de bewaring van verdachte voor veertien dagen, met de mogelijkheid van plaatsing in een politiebureau bij plaatsgebrek in een huis van bewaring.
Uitkomst: Hoger beroep gegrond verklaard en bewaring van verdachte bevolen voor veertien dagen.