Uitspraak
22 april 2014 in de zaak tegen:
Vrijdag webinar: live demo van Lexboost
Rechtbank Noord-Holland
De rechtbank Noord-Holland heeft verdachte veroordeeld voor het opzettelijk invoeren van 4.371,7 gram cocaïne op 19 januari 2014 te Schiphol. Het bewezenverklaarde feit betreft een hoeveelheid die bestemd moet zijn geweest voor handel en verdere verspreiding, wat ernstige gevolgen heeft voor de volksgezondheid en samenhangt met andere vormen van criminaliteit.
De rechtbank baseerde haar oordeel op de bekennende verklaring van verdachte, diverse proces-verbalen van aanhouding en onderzoek, en deskundigenrapporten van het Douanelaboratorium. Verdachte was niet eerder met justitie in aanraking geweest voor een soortgelijk feit, wat als een verzachtende omstandigheid werd meegewogen.
De officier van justitie eiste 36 maanden gevangenisstraf, maar de rechtbank besloot tot een lagere straf van 30 maanden vanwege de persoonlijke omstandigheden van verdachte, waaronder een goed arbeidsverleden en het feit dat hij een first offender is. De tijd die verdachte in voorlopige hechtenis heeft doorgebracht, wordt in mindering gebracht op de straf.
De rechtbank verklaarde het ten laste gelegde feit bewezen en strafbaar, sprak verdachte vrij van overige tenlasteleggingen, en legde een vrijheidsbenemende straf op die passend wordt geacht bij de ernst van het feit en de omstandigheden van de verdachte.
Uitkomst: Verdachte is veroordeeld tot 30 maanden gevangenisstraf voor het opzettelijk invoeren van 4.371,7 gram cocaïne met aftrek van voorlopige hechtenis.