ECLI:NL:RBNHO:2014:12270
Rechtbank Noord-Holland
- Voorlopige voorziening
- G. Guinau
- Rechtspraak.nl
Afwijzing voorlopige voorziening tegen sluiting woning wegens handelshoeveelheid drugs en wapens
De burgemeester van Heemskerk legde op grond van artikel 13b van de Opiumwet een last onder bestuursdwang op tot sluiting van de woning die verzoeker huurt, vanwege de vondst van 895 MDMA-pillen, een vuurwapen, pepperspray, een stroomstootwapen en munitie. Verzoeker betoogde dat de drugs uitsluitend voor eigen gebruik waren, mede vanwege zijn PTSS en het therapeutisch gebruik van MDMA. De rechtbank oordeelde dat de hoeveelheid drugs ruimschoots de norm voor eigen gebruik overschrijdt en dat verzoeker onvoldoende aannemelijk heeft gemaakt dat het uitsluitend om eigen gebruik ging.
De rechtbank verwees naar jurisprudentie van de Afdeling bestuursrechtspraak waarin is vastgesteld dat een handelshoeveelheid drugs in een woning de bevoegdheid tot sluiting van die woning rechtvaardigt. De burgemeester heeft de belangen zorgvuldig afgewogen, onder meer rekening houdend met de impact op de familie van verzoeker en de mogelijkheid om binnen een maand vervangende woonruimte te vinden. De rechtbank vond de belangenafweging niet onredelijk en stelde vast dat de sluiting noodzakelijk was ter voorkoming van strafbare feiten en ter bescherming van de rechten van anderen.
Verzoeker stelde dat de sluiting disproportioneel was en dat er geen beleidsregels waren, maar de rechtbank oordeelde dat het ontbreken van beleidsregels geen belemmering vormt voor de toepassing van artikel 13b en dat het besluit voldoende is gemotiveerd. De voorlopige voorziening werd afgewezen omdat het bezwaar van verzoeker tegen de sluiting geen redelijke kans van slagen heeft.
Uitkomst: Het verzoek om voorlopige voorziening tegen de sluiting van de woning wordt afgewezen.