Uitspraak
- huistelefoon € 25,-;
- beddengoed € 40,-;
- alarm € 300,-;
- reiskosten € 36,72 en
€ 2.500,- voor de immateriële schade, en veroordeelt verdachte tot betaling van dit bedrag vermeerderd met de wettelijke rente over dit bedrag vanaf 28 maart 2014 tot aan de dag der algehele voldoening, aan [slachtoffer], voornoemd, tegen behoorlijk bewijs van kwijting.